Chernobyl (2019)

Recensie Chernobyl CinemagazineRegie: Johan Renck | 330 minuten | drama, geschiedenis | Acteurs: Jessie Buckley, Jared Harris, Stellan Skarsgård, Emily Watson, Paul Ritter, Robert Emms, Sam Troughton, Karl Davies, Michael Socha, Laura Elphinstone, Jan Ricica, Alan Williams, Adrian Rawlins

De miniserie ‘Chernobyl’ kijkt weg als een politieke thriller. Als een intens spannende film over complotten, intimidatie, paranoia, helden en schurken en zo ongeveer het nadere einde van de wereld. Je zit regelmatig op het puntje van je stoel, houdt (bijna letterlijk) je hart vast en leeft mee met de hoofdpersonages. Het wrange is, dat dit geen bedacht verhaal is, maar bittere waarheid. Een jammer genoeg al te waarachtig relaas over misplaatste ijdelheid en trots, over morele armoede – om niet te zeggen onmenselijkheid en kwaadwillendheid – en simpelweg over een tragisch ‘ongeval’ dat zijn weerga niet kent. Dit is geen serie die je even met een bak popcorn er doorheen werkt om vervolgens weer vrolijk verder te gaan met je leven. Dit maakt indruk; hier moét je even bij stil staan.

Nu kun je zeggen dat deze realiteitscheck puur het gevolg is van de ernst van de werkelijke gebeurtenis die heeft plaatsgevonden, maar dan ga je voorbij aan de overtuigingskracht van de serie en de kwaliteit van de mensen áchter en voor de camera. Want ga er maar aan staan om een serie over een ongeluk in een kerncentrale bijna vijfenhalf uur boeiend te houden. En dat niet alleen: om een serie te maken die authenticiteit uitademt, met een grotendeels niet-Russische (of niet-Oekraïense) cast.

Wat dit laatste aspect betreft, dit is toch een klein smetje – als je het zo mag noemen – op de productie. Want ja, de mate van authenticiteit die bereikt wordt is bewonderenswaardig, maar je kunt je toch niet aan de gedachte onttrekken dat het waarachtiger over was gekomen als er ‘gewoon’ voor lokale acteurs zou zijn gekozen. Natuurlijk is de taal maar een onderdeel van de vertolking en is het maar de vraag of er acteurs van hetzelfde kaliber gevonden hadden kunnen worden, maar het is toch vreemd om allemaal Engels sprekende mensen in een zo oorspronkelijk Russische/Oekraïens ogende en aanvoelende omgeving gade te moeten slaan. En als er dan op ook nog een – Engels sprekend – stand-in van president Gorbachev verschijnt, is de vervreemding compleet.

Maar zodra je dit gegeven gewoon accepteert en je concentreert op wat er gebeurt en gezegd wordt, is het geen enkel probleem om je mee te laten voeren door de serie, die opgedeeld is in vijf afleveringen van ruim een uur. De eerste aflevering bestaat bijna in zijn geheel uit een ‘live’ registratie van het ongeluk. Hoe gaat er aan toe in de centrale, wie zijn er bij betrokken? De hectiek, de paniek. Om het beklemmend te noemen is een understatement.

Vervolgens (en in latere afleveringen) bereikt het nieuws de mensen (waaronder regeringsleiders) die de situatie goed moeten in schatten en maatregelen moeten nemen. Al meteen worden de gevolgen van het ongeluk niet goed ingeschat. Dat wil zeggen, in het meest gunstige geval, bijvoorbeeld wanneer het gaat om de stugge maar uiteindelijk redelijke vice-voorzitter van de Raad van Ministers Boris Shcherbina (Stellan Skarsgård). Veel ernstiger is het dat andere (regerings)leiders en ‘partijgenoten’ het hele ‘incident’ onder het tapijt willen schuiven. Met de straling schijnt het wel mee te vallen en van evacuatie hoeft al helemaal geen sprake te zijn. Gewoon de boel even dichten en opruimen, en we hoeven het er niet meer over te hebben.

Maar helaas, er heeft wel degelijk een ramp plaatsgevonden, waarbij duizenden mensen zijn blootgesteld aan straling, waarvan velen op zijn minst binnen een jaar of tien zullen overlijden, als het niet veel eerder is. Nucleaire wetenschapper Valery Legasov (een geweldige Jared Harris) weet de situatie wel op waarde te schatten, net als zijn (fictieve) medewetenschapper Ulana Khomyuk.

Hoewel Legasov in eerste instantie vooral een roepende in de woestijn is, weet hij toch vrij snel Boris Shcherbina aan zijn kant te krijgen. Deze weet, godzijdank, vrijwel al het materieel en personeel waar Legasov om vraagt – om een veel grotere ramp te voorkomen – te regelen. Kosten noch moeite worden gespaard om alles zo snel mogelijk onder controle te krijgen. Soms moeten er hierbij mensen opgeofferd worden, aangezien deze dichtbij de ontplofte reactor(kern) in de buurt moeten komen.

Hiertoe gaan Legasov en Shcherbina alleen over als er echt geen andere oplossing zijn. Het is echter op zijn zachtst gezegd schrikbarend om te zien hoe lang er gewacht wordt met het evacueren van de lokale bevolking. Alles om de buitenwereld maar geen lucht te laten krijgen van dit fiasco, wat gezichtsverlies zou betekenen voor de Russen. Pas als in sommige plaatsen in Duitsland straling wordt waargenomen (afkomstig van Chernobyl) en daar zelfs kinderen niet meer buiten mogen spelen, moet Rusland er ook aan geloven. Het communistische systeem, dat mensen de hand boven het hoofd houdt en niet altijd de juiste persoon op de juiste plek zet, wordt hier in al zijn gebreken blootgelegd. Soms wordt hier in de dialoog extra de nadruk op gelegd, wat onnodig is en daardoor de scène zwakker maakt, maar dit gebeurt slechts sporadisch.

‘Chernobyl’ maakt veel woede en ongeloof los bij de kijker, die weliswaar bekend zal zijn met het voorval, maar niet met dit soort details, of de mate van bedrog en onmenselijkheid. Er is het besef dat een volk nog net zo trots, humaan, welwillend en rechtschapen kan zijn, je begint weinig als er een hele natie je onder de duim houdt met een web van leugens en tactieken van intimidatie, bedreiging en uitsluiting. Maar ‘Chernobyl’ gaat ook over het omgaan met verlies en onrecht, het (moeten) uitvoeren van onmenselijke handelingen, het berusten in je eigen einde, staan voor je principes, de veerkracht van de mens, en de saamhorigheid die ondanks alles toch kan zegevieren.

Vrijwel de hele serie is interessant, prikkelend, shockerend. In de voorlaatste aflevering verschuift de focus even van het beklemmende werken aan de reactor en de waarheidsvinding, naar een jongeman die met een paar soldaten in een geëvacueerde zone (huis)dieren moeten afschieten, omdat deze door hun hevige blootstelling aan straling een gevaar zijn voor de volksgezondheid. Het is vreselijk om te zien hoe zelfs nesten met puppy’s afgemaakt moeten worden, en het effect dat dit heeft op de jongeman die nog nooit een schot gelost had in zijn leven. Toch zorgt dit stukje voor een vermindering van de intensiteit en dreiging die de serie tot op dat punt kenmerkte. Met de industriële klanken op de soundtrack, en de desolate, nauwelijks van kleur voorziene omgevingen als passende achtergrond voor de sombere gebeurtenissen en de schimmige politieke spelletjes die gespeeld worden door de regering.

Verder is ‘Chernobyl’ echter een nagelbijter van het begin tot het eind. Het zijn afgrijselijke feiten die de kijker bereiken. Natuurlijk, de vele duizenden (waarschijnlijk tienduizenden) doden die de ramp heeft veroorzaakt is daar onderdeel van, maar de onwaarschijnlijk trotse houding die niet bepaald heeft bijgedragen tot een spoedige oplossing, is werkelijk onvoorstelbaar. Het zijn lessen voor de toekomst. Zo niet voor regeringen – die toch niet bewust het leven zullen beteren – dan wel voor journalisten, wetenschappers en andere kritische denkers die altijd verder moeten blijven kijken en de burgers moeten blijven beschermen. Met informatie… en de waarheid.

Bart Rietvink

Waardering: 4.5

DVD- en blu-ray-release: 2 oktober 2019