Kraven the Hunter (2024)
Regie: J.C. Chandor | 127 minuten | actie, avontuur | Acteurs: Aaron Taylor-Johnson, Fred Hechinger, Russell Crowe, Ariana DeBose, Christopher Abbott, Alessandro Nivola, Levi Miller, Chi Lewis-Parry, Billy Barratt, Yuri Kolokolnikov, Jessica Zhou, Michael Shaeffer, Greg Kolpakchi, Duran Fulton Brown, Filiz Fairweather, Murat Seven, Dritan Kastrati, Alex Skarbek, Elander Moore, Rachel Handshaw, Robert Ryan, Preslav Shipkaliev, Waleed Hammad, Sachiko Yokoyama, Will Bowden, Al Nedjari, Judy Blackett, Tianyi Kiy, Valerie Hazan, Luke Dixey, Odimegwu Okoye
Na de ‘Venom’-trilogie, ‘Morbius’ en ‘Madame Web’ doet Sony met ‘Kraven the Hunter’ de zoveelste poging om de b-garnituur in het web van de spinnenman bioscoopelan te geven. Voor Kraven hebben ze daarom regisseur J.C. Chandor, van de krachtige dramafilms als ‘Margin Call’ (2011) en ‘All is Lost’ (2013), en scenarioschrijver John Wenk, van onder andere de explosieve filmserie The ‘Equalizer’, achter de knoppen gezet. Helaas hadden deze, op zich geen slechte, keuzes voor achter de camera weinig baat. Hier en daar zie je het talent van deze twee flauwtjes schitteren en is ‘Kraven the Hunter’ daarom niet geheel zonder verdiensten. Maar de voorheen bewezen panache voor drama en actie van Chandor en Wenk verdrinken uiteindelijk in het moeras van deze grijsgrauwe productie richting pijnlijke vergetelheid.
Vlak na het overlijden van Sergeis moeder, neemt vader Nikolai Kravinoff (Russell Crowe) hem (Aaron Taylor-Johnson) en zijn halfbroertje Dmitri (Fred “Gladiator II” Hechinger) mee op een jachttrip in Afrika. Rouwen is namelijk voor slappelingen volgens deze Russische grombeer: het recht van de sterkste regeert. Echter na een jachtduel met een uit de kluiten gewassen leeuw balanceert het leven van de jonge Sergei op het randje van de dood. Toevallig is het lokale meisje Calypso Elizi (Diaana Babnicova) in de buurt en geeft hem een speciaal familie-elixir dat zich onverwacht mengt met het bloed van de leeuw. Hoewel Sergei zeker twee minuten klinisch dood is geweest, herstelt hij wonderlijk wel en ontdekt daarna bovenmenselijke krachten bij zichzelf waaronder het jagersinstinct, de kracht en snelheid van de leeuwenkoning.
Ook al worstelt Sergei met het idee zijn halfbroertje Dmitri achter te laten bij hun tirannieke vader, die aan het hoofd staat van een misdaadimperium, vlucht hij uit het vaderlijke nest in Engeland en vestigt zich in Rusland. Vanuit deze thuisbasis, oorspronkelijk van zijn moeder, gaat Sergei verder onder de naam Kraven om mannen zoals zijn vader een eindje uit deze wereld te helpen. Tussen alle bloederige bedrijven door zoekt Sergei stiekem zijn halfbroer nog op, over wie hij zich net als zijn vader altijd zorgen maakt. Vervolgens ontvoert een criminele organisatie Dmitri uit zelfbescherming tegen Kraven. Want zoals hun vader zegt, de zwakte van iemand ligt meestal bij de mensen waarvan deze houdt. ’s Werelds beste jager moet nu wel toebijten.
Metaalmoeheid voor het superheldengenre na ongeveer vijftien jaar succes kan niet volledig deze langzaam doodbloedende prooi van een film verklaren. De plot hobbelt voort alsof je met een elektrische step door bosrijk gebied moet; de relaties tussen de vader en de broers zijn op papier gewichtig maar zijn op het doek soms vederlicht; de actie is gevat en overzichtelijk maar ook voorspelbaar. Tenslotte ziet de CGI er soms gekmakend afgeraffeld uit.
Desalniettemin lijken de acteurs die de slechteriken spelen, Alessandro Nivola en Christopher Abbott, plezier te hebben met hun malle personages, Rhino en Foreigner. Bijna al hun stukjes, natuurlijk met een vette knipoog gespeeld, springen er net even bovenuit. Het wil iets zeggen dat Crowe het op dit terrein verliest van Nivola en Abbott. Bovendien zit er ergens diep tussen de houterige actiesequenties een uitgekookt verhaal verstopt over de ongebreidelde zucht naar macht en nalatenschap van vader Kravinoff met als bijkomstig resultaat twee monstertjes van eigen bloed, die zich van hem afkeren en zich genoodzaakt voelen om zich een weg te vreten door zijn verdorven wereldje.
Meer dan een decennia geleden schreef en regisseerde J.C. Chandor de twee eerder genoemde zieltogende kleinere Hollywoodfilms. Alles leek bij deze producties, en wat minder bij ‘A Most Violent Year’ (2014, ook met Abbott en Nivola in de cast), op zijn plaats te vallen. Ze hebben doorleefde verhalen, verrassende casting en de meer dan gedegen plaatjes staan in dienst van het verhaal en het acteerwerk. Belangrijker nog, deze films bezitten morele spanning die de kijker constant binnen het bereik van de bek van een hongerige leeuw houdt. Zo zie je, ondanks de ambities en het grote(re) budget, kan het tij van creativiteit zich snel tegen een maker keren. Chandor kon de top van de Hollywood voedselketen praktisch ruiken, maar na ‘Kraven the Hunter’ zal hij weer op moeten krabbelen en de andere roofdieren van zich af moeten slaan. Hopelijk vindt het elixir van Calypso hem weer.
Roy van Landschoot
Waardering: 2.5
Bioscooprelease: 12 december 2024
