Rhythm is it! (2004)

Regie: Thomas Grube, Enrique Sánchez Lansch | 100 minuten | documentaire

“Muziek is niet slechts wat het is, het is wat het betekent en wat het voor mensen kan doen. Werken aan muziek kan mensen leren wat hen verenigt in plaats van verdeelt”. Dit vertelt de bevlogen dirigent van het Berlijns Filharmonisch Orkest, Sir Simon Rattle, de kijker in ‘Rhythm is it!’, de inspirerende documentaire van Thomas Grube en Enrique Sánchez Lansch over een prachtig, educatief muziekproject. Het is in feite de essentie van de hele film. Het is de hypothese die de docenten proberen te bewijzen, en die uiteindelijk ook daadwerkelijk de conclusie van het project genoemd kan worden.

De groep jongeren, van acht jaar tot in de twintig, is allesbehalve homogeen – “250 jongeren, van elke sociale klasse. Mensen uit Irak en Iran, uit Oost en West Berlijn; mensen die elkaar normaal gesproken zouden bevechten” – of gedisciplineerd, maar weten na acht weken training wonderbaarlijk genoeg een eensgezind en geslaagd dansuitvoering ten beste te geven. Een opmerkelijke prestatie van, naast natuurlijk de kinderen zelf, de choreografen, met name Royston Maldoom, maar tegelijkertijd een bewijs dat muziek inderdaad de kracht heeft mensen te binden, en dat dans je lichamelijk en mentaal kan bevrijden, en open kan stellen voor nieuwe prikkelingen. Door zelf écht stil te zijn, een angst in onze hedendaagse cultuur waar constant geluid en lawaai om ons heen te vinden is, zoals danslerares Susannah Broughton stelt, nemen het zicht en andere zintuigen het over, en kunnen we de kracht in het lichaam pas echt tot bloei laten komen. En dit is wat we zien gebeuren met de kinderen van verschillende scholen in Berlijn, waarvan er veel aan het begin van de “cursus” nog een zootje ongeregeld vormen. Ze horen en voelen dingen die ervoor nog nooit ervaren hadden, en het is dit gegeven dat de film zo waardevol maakt.

We zien deze verandering langzaam maar zeker plaats vinden. In de eerste paar weken lopen bepaalde kinderen nog te geinen en lawaai te maken, maar ze gaan steeds meer inzien dat dit ze geen respect bezorgt bij hun medestudenten die niet af willen gaan bij de uiteindelijke opvoering en tevens merken dat ze inderdaad de kracht en potentie bezitten waarvan Maldoom ze verzekert dat ze die hebben. Geloven in eigen kunnen is de belangrijkste stap naar het bereiken van grootse(re) dingen, en niet alleen in een dansles. Dit wordt mooi duidelijk in een scène halverwege de documentaire, waarin sommige kinderen hun armen en lichamen kaarsrecht omhoog moet steken, terwijl Maldoom samen een groepje eromheen zittende kinderen kijkt wie van hen innerlijke kracht en zelfvertrouwen uitstralen, en wie nog te veel angst en onzekerheid bezit. “Hij heeft de kracht, maar hij gelooft er nog niet in.”, “Hij kan alles worden in het leven wat hij maar wil”, “Dit is een goed voorbeeld met wat we doen met de vrouwen in onze maatschappij. Deze meisjes hebben allemaal kracht, maar staan er niet achter.” De ogen, de uitstraling, de hele houding: lichaamstaal zegt zoveel over iemands instelling, en Maldoom laat de gefascineerde kinderen dit duidelijk, met een lach en grap tussendoor, zonder mensen af te kraken. “Je kunt je leven veranderen in een dansklas” is zijn motto. Het geeft niet dat het zo makkelijk niet gaat: de positieve instelling is de basis.

Het is mooi om te zien hoe Maldoom erin slaagt om deze gigantische groep studenten tot een coherente groep te vormen en ze een uiteindelijk inspirerende uitvoering te laten geven. Een uitvoering op muziek waar ze normaal gesproken nooit mee in aanraking komen. Het was echter welkom geweest om nog wat meer in te gaan op de vreemde kennismaking met deze muziek die het voor velen moet zijn geweest, en hoe men de muziek op een gegeven moment toch op een andere, positievere manier is gaan bekijken. Ook zijn de vignetten die gemaakt worden van drie van de studenten, immigrant uit Nigeria Oliyanka, die leergierig is maar moeilijk kan aarden in Duitsland, de, naar eigen zeggen, tot dusver nog niet zo voor school gemotiveerde Marie, en de eenling Martin, die een angst heeft om mensen aan te raken. Het zijn niet onaardige verhalen, maar de keuze voor deze voor de danslessen gemotiveerde leerlingen, betekent dat er weinig dramatische spanning in hun ontwikkelingen zit. Alleen Martin, die aanvankelijk wat mensenschuw is, laat zien hoe hij zijn angsten overwint, maar ook hier is het geen groot obstakel, aangezien hij van meet af aan duidelijk wil leren. Interessanter was het geweest om wat meer de nadruk op de probleemkinderen te leggen en te laten zien of en hoe zij veranderen, zowel in hun vaardigheden en bereidheid met betrekking tot de dansbewegingen, en hun onderdompeling in de wereld van de klassieke muziek. De prikkelende opening van Rattle over deze moeilijke, antagonistische groep die doorgaans weinig opheeft met klassieke muziek, schiep wat meer dramatische verwachtingen. Ook komt de uiteindelijke opvoering, hoewel spetterend, enigszins anticlimactisch over. Hij is namelijk wat snel voorbij, na de hele opbouw die vooraf is gegaan.

Maar de film is toch overwegend inspirerend en positief. En we vernemen wel daadwerkelijk een omslag bij sommigen. Kinderen die vertellen nog nooit naar klassiek geluisterd te hebben en er niets bij te voelen, ook niet tijdens de opvoering, tot het moment dat ze het orkest zelf ook zo gepassioneerd bezig zagen. “Ik kan nu de muziek opzetten en een half uur gaat nu om tien minuten. Ik leef nu in de muziek” verklaart één van hen. En het meest hartverwarmende is misschien wel om na afloop van de geslaagde opvoering een stel kleine kindjes met “fietsenstallingen” in hun gebit met grote glimlachen langs te zien komen terwijl ze achter elkaar “Het is ons gelukt! Het is ons gelukt!” (“Wir haben es geschaft!”) uitroepen. Ook al zal het leven nog vele uitdagingen en obstakels bieden, dit is in ieder geval een grote overwinning geworden voor de deelnemende kinderen. Wat er in hun leven nog komen gaat is onzeker, maar in ieder geval kunnen ze zeker zijn van zichzelf en hun eigen kracht. Voor iedereen die hier getuige van wil zijn, of ook geïnspireerd wil raken om zijn eigen ritme te vinden. Kijk naar ‘Rhythm is it!’.

Bart Rietvink