Serbis (2008)

Regie: Brillante Mendoza | 90 minuten | drama | Acteurs: Gina Pareño, Dan Alvaro, Mercedes Cabral, Julio Diaz, Bobby Jerome Go, Roxanne Jordan, Jacklyn Jose, Kristoffer King, Coco Martin, Andy Picache

In het Filippijnse drama ‘Serbis’ toont regisseur Brillante Mendoza een schijnbaar willekeurige dag uit het leven van een familie die een vervallen seksbioscoop in de grote stad Angeles City bestiert. Hoofd van het gezin is moeder Flor, een trotse vrouw, die met alle macht probeert haar ex-echtgenoot veroordeeld te krijgen voor het plegen van bigamie. Zij wordt daarin heimelijk tegengewerkt door haar kinderen, omdat zij het kapitaal dat de man blijkbaar bezit, na zijn dood niet willen delen met de kinderen uit het tweede huwelijk. Omdat de moeder zich een groot deel van de dag in de rechtszaal bevindt en de film zich gedurende deze dag afspeelt, is dochter Nayda het middelpunt van de film. We volgen haar – maar ook de vele andere familieleden – in hun gang door het immense gebouw, met slecht verlichte trapportalen en smoezelige kamers.

Makkelijk maakt de filmmaker het zijn publiek niet. Dat begint al met de eerste scènes, waarbij de camera langdurig het naakte jonge lichaam van de jonge dochter Jewel in beeld brengt. Zij komt net onder de douche vandaan en bekijkt zichzelf uitgebreid in de spiegel. Ze stift haar lippen rood en murmelt herhaaldelijk “I love you” tegen haar spiegelbeeld. Het lijkt of de cineast wil dat je je een voyeur voelt en dat gevoel blijf hij je geven, door oncomfortabele scènes te laten zien als het op onorthodoxe wijze behandelen van een steenpuist op het achterwerk van de operateur, die daarnaast ook nog een liefdeloos nummertje maakt met zijn vriendin; en de pijpbeurt die weer een ander familielid van een prostituee krijgt. Dat zijn overigens zo ongeveer ook de enige seksscènes in deze productie, maar opwindend zijn ze niet. De landerigheid straalt er van af.

Mendoza heeft – al dan niet bewust – wel enkele parallellen in ‘Serbis’ aangebracht: het zich mooi maken voor de spiegel wordt op verschillende momenten in de film door zowel Jewel, Nayda en hun moeder Flor gedaan, waarbij de kleine Jonas, het zoontje van Nayda, aanwezig is (in het geval van Jewel en zijn oma Flor kijkt hij stiekem toe). Het is dan ook geen verrassing dat de kleuter aan het eind van de film zelf met lippenstift op rondloopt. Dat deze bioscoop geen plek is om een kind op te laten groeien, blijkt uit de scène waarin Jonas op zijn driewieler door het gebouw rijdt, waar diverse seksuele handelingen verricht worden (die op het witte doek krijgen de minste aandacht). Eveneens kampt de uitgebreide familie met het niet uitpraten van emoties en gevoelens, de zwangere vriendin van Alan brengt het probleem van haar situatie(werkeloos, zwanger) nauwelijks ter sprake; bij terugkomst uit de rechtbank kiest moeder Flor er voor de was te bespreken met Nayda (“deze is droog”, “deze is nog nat”) in plaats van te vertellen hoe het gegaan is… Er is weinig dat goed functioneert in deze zonderlinge samenleving. De locatie, het Art Deco gebouw aan een druk kruispunt, is overigens in al haar verloedering prachtig en fungeert bijna als hoofdrolspeler op zich. De ruime gangen, waar zich talloze (soms erg jonge) prostituees (m/v) ophouden, het bijna als een doolhof aandoend interieur… het drukt een stempel op bijna elke scène. Het continue geraas van verkeer is overigens wel erg aanwezig, ook tijdens de dialogen hoor je het geluid van auto’s en bussen, maar dat wekt alleen maar irritatie op.

Verhaaltechnisch heeft ‘Serbis’ de kijker niet zoveel te bieden; er is nauwelijks sprake van een ontwikkeling en de film had – afgezien van de rechtszaak die uiteindelijk niet eens zoveel impact op het verhaal heeft – net zo goed een andere dag uit het leven van de familie Pineda kunnen beschrijven. De enige comic relief in de film is afkomstig van een geit die – Joost mag weten hoe met al die trappen – in een filmzaal terecht is gekomen. Grappig om te zien hoe iedereen zijn broek op hijst als het licht aangaat. Ook visueel schort er flink wat aan deze arthouseproductie. Het handheld camerawerk versterkt het documentaireachtige karakter van de film, en soms zijn er interessante camerastandpunten, maar nergens blinkt de film hierin uit. Tja, wat blijft er dan over? Het acteerwerk is in orde, maar de protagonisten weten geen sympathie bij de kijker op te wekken. ‘Serbis’ mikt daardoor op een klein publiek en zelfs bij deze groep doorgewinterde filmhuisfilmliefhebbers zal het moeilijk grote fans weten te vinden.

Monica Meijer