Bodyguard Kiba – Bodigaado Kiba (1993)

Regie: Takashi Miike | 93 minuten | actie, drama, romantiek, misdaad | Acteurs: Takeshi Yamato, Daisuke Nagakura, Sinobu Tanaka, Megumi Sakuta, Masara Matsuda, Hisao Maki

Bij het kijken naar vroeg werk van beroemde, interessante regisseurs, kun je wel eens de grote kracht of briljantheid van hun latere films alvast aanwezig zien. Bij ‘Bodyguard Kiba’, een vroege film van de zeer productieve Japanse filmer Takashi Miike, bekend van werk als ‘Audition’ en ‘Ichi the Killer’, is dit jammer genoeg niet het geval. Dat wil zeggen, we zien een afgesneden pinkje en wat gratuite naaktscènes, maar verder is ‘Bodyguard Kiba’ een amateuristisch aandoend filmpje met een onopmerkelijk verhaal.

Hoewel “Kiba” een stuk beter te genieten is dan zijn opvolger, ‘Bodyguard Shura’, is er weinig aanwezig om voor rechtop te gaan zitten. De film voelt aan als, en is in feite ook, een aflevering uit een televisieserie over een bodyguard, die iedere keer weer een ander dertien-in-een-dozijn verhaal beleeft. Gelukkig dat het geheel redelijk vlot verteld wordt en dat de personages betrekkelijk amusant zijn.

De wisselwerking tussen de stoïcijnse bodyguard en de wat nerveuze crimineel Ishimine, die de yakuza heeft bestolen, is soms best grappig en geeft de film tenminste een beetje sjeu. Leuk is de eerste ontmoeting van het tweetal, wanneer Kiba te laat komt op de afgesproken plek, te weten buiten de gevangenismuur op het moment dat Ishimine wordt vrijgelaten. Hij moet hem ophalen in een loods waar hij op zijn kop aan ketting hangt, op het punt staat neergeknald te worden door de yakuza, die hem al snel te pakken had gekregen. Het excuus van Kiba: “Dit is gewoon mijn stijl”. Tja, wat doe je daaraan?

Vervolgens moet Kiba Ishimine over land en zee beschermen tegen steeds weer verse groepjes vijanden, terwijl Ishimine heelhuids terug wil naar zijn verstopte geld, waar hij samen met een hoertje waar hij gek op was, van wil gaan genieten op een eiland. Dat dit niet geheel volgens plan verloopt, mag duidelijk zijn. Het hoertje zorgt, naast wat noodzakelijk naakt, nog voor enige dramatiek in de film die vooral bestaat uit Kiba die met een serie karatebewegingen zijn vijanden uitschakelt. Deze zijn echter doorgaans wazig en met onoverzichtelijke montage in beeld gebracht, al krijg je bij het kijken naar al dit non-stop mepwerk wel het gevoel naar een ouderwetse Kung Fu-film te kijken, wat versterkt wordt door de cheesy synthesizermuziek. Ook grappig is de vete tussen karatescholen – bij één ervan zit Kiba aangesloten – die tussen de bedrijven door nog wat aandacht krijgt. De baas van Kiba’s karateschool Daite, moet in een komische montage vertegenwoordigers van alle concurrerende scholen verslaan.

De film is alleen niet maf of knipogend genoeg om uit dit alles als kijker genoeg plezier te kunnen halen, en de film een lekkere campy knokfilm te laten zijn. Uiteindelijk is ‘Bodyguard Kiba’ gewoon een niet al te vervelend, maar oninteressant actiefilmpje geworden, van een regisseur die later heel wat interessanter werk zou produceren.

Bart Rietvink