Me and Orson Welles (2008)

Regie: Richard Linklater | 114 minuten | drama | Acteurs: Zac Efron, Claire Danes, Christian McKay, Ben Chaplin, Zoe Kazan, Eddie Marsan, Kelly Reilly, James Tupper, Leo Bill, Al Weaver, Iain McKee, Simon Lee Phillips, Simon Nehan, Imogen Poots, Patrick Kennedy, Janie Dee, Marlene Sidaway, Garrick Hagon, Megan Maczko, Aaron Brown, Travis Oliver, Nathan Osgood, Robert Wilfort, Michael Brandon, Jools Holland

De een noemt hem een unieke en geniale filmmaker, de ander een notoire leugenaar. Orson Welles was beide. Hij was pas 25 jaar oud toen hij zijn meesterwerk ‘Citizen Kane’ (1941) maakte, waarna hij de rest van zijn carrière moest opboksen tegen de hoge verwachtingen. Welles was een egocentrische fantast, die zijn hele leven lang de leugens aaneen reeg, hoofdzakelijk om er zelf voordeliger uit te komen. Bescheidenheid was hem vreemd. Maar wat wil je ook, als je nog voor je 25e al zo veel lyrische kritieken krijgt voor je theaterwerk. Want hoe megalomaan hij ook was, Welles was een briljante creatieve duizendpoot die zijn toneelstukken en films bij voorkeur zelf schreef, regisseerde en produceerde. Het liefst zou hij ook nog alle belangrijke rollen voor zijn rekening nemen! Over de fascinerende figuur die Welles was zijn al vele boeken geschreven en films gemaakt. Heeft ‘Me and Orson Welles’ (2008), naar een novelle van Robert Kaplow, dan nog wel iets nieuws te vertellen? Dat misschien niet direct. Maar dit luchtige portret, waarin The Great Man Welles bekeken wordt door de ogen van een dromerige zeventienjarige scholier met acteerambities, kijkt absoluut bijzonder aangenaam weg.

New York, 1937. Richard Samuels (Zac Efron) mag dan nog op school zitten, hij droomt van een carrière in het theater. Zijn liefde voor literatuur, muziek, film en toneel is eindeloos. Unieke mogelijkheden dienen zich aan als hij de ambitieuze Orson Welles (Christian McKay) tegen het lijf loopt bij het Mercury Theatre. Welles heeft nog een week tot de première van Shakespeare’s Julius Caesar en hij zoekt nog een jongeman die de rol van Lucius op zich wil nemen. Richard trekt de stoute schoenen aan en bluft zich de productie in. Achter de schermen maakt hij kennis met andere betrokkenen: de muzikanten en acteurs, toneelknechten en de ambitieuze publiciteitsmedewerkster Sonja Jones (Claire Danes), die hem leert hoe hij zich moet opstellen tegenover Orson. Want één ding is voor Richard meteen duidelijk: Welles maakt hier de dienst uit. Hij duldt geen kritiek en iedereen die met hem wil werken dient naar zijn pijpen te dansen. Richard vindt het allemaal prima: hij is allang blij dat hij de mogelijkheid krijgt om van zoiets groots deel uit te maken. Maar zijn gevoelens voor de mooie Sonja gooien uiteindelijk roet in het eten. Door schade en schande wordt Richard wijs.

Het mag duidelijk zijn: de film speelt zich af in de tijd voor Welles zijn overstap maakte naar Hollywood. Zijn persoonlijkheid was toen echter ook al larger than life. Ook in de film, want hoewel Richard de daadwerkelijk hoofdpersoon is in dit verhaal, draait alles om Welles. De relatief onbekende Brit Christian McKay, die ontdekt werd toen hij Welles speelde op een klein podium in Londen en nooit eerder in een speelfilm te zien was, spettert werkelijk van het scherm. De karakteristieke kenmerken van Welles weet hij perfect te vangen. Zijn narcistische en hautaine gedrag, zijn onmetelijke charme, de manier waarop hij zijn medewerkers even gemakkelijk inpalmt als schaamteloos opzij schuift en ja, zelfs zijn schitterende baritonstem. McKay is met recht dé revelatie van deze film. Want hoewel veel tienermeisjes vooral op ‘High School Musical’-ster Zac Efron af zullen komen – die het overigens zeker niet onaardig doet – wordt hij aan alle kanten voorbijgestreefd door McKay. Bijrollen worden uitstekend ingevuld. Zo zien we onder andere Ben Chaplin als de onzekere George Coulouris, James Tupper als de joviale Joseph Cotten, Kelly Reilly als de ijdele Muriel Brassler en Eddie Marsan als bij vlagen tot wanhoop gedreven producent John Houseman. Allemaal worden ze echter overvleugeld door de briljante en overdonderende McKay.

Regisseur Richard Linklater, die ons eerder trakteerde op de romantische pareltjes ‘Before Sunrise’ (1995) en ‘Before Sunset’ (2004), slaat ook nu weer de spijker op zijn kop. Zijn portret van de enigmatische Welles is rijk, evenwichtig, intelligent en amusant. Hij laat ons nét iets dichter bij deze imposante figuur komen, maar Welles blijft ongrijpbaar. Daar komt ook de sympathieke Richard Samuels achter. Juist door deze naïeve jongeling tussen het publiek en Welles in te zetten, houdt Linklater het luchtig. Een lieflijk subplotje, waarin Zoe Kazan een centrale rol speelt, zorgt eveneens voor een prettig tegenwicht. ‘Me and Orson Welles’ krijgt nog meer glans dankzij de schitterende decors, waarmee je je echt even in het New York van de jaren dertig waant. Ook de score van Michel J. McEvoy en het camerawerk van Dick Pope zijn dik in orde. Verreweg de meeste fans van tienersterretje Zac Efron zullen geen idee hebben wie Orson Welles was – laat staan dat de namen van John Houseman, Joseph Cotten en David O’ Selznick ze bekend in de oren klinken. ‘Me and Orson Welles’ is voor hen een prettige eerste kennismaking met de theater- en filmgeschiedenis. De film wordt gedragen door een verbluffend sterke Christian McKay, die terecht overladen werd met awards en nominaties, maar alle andere betrokkenen liften met hem mee de hoogte in. En ja, dat geldt ook voor Efron.

Met ‘Me and Orson Welles’ heeft Richard Linklater een evenwichtige en vermakelijke film gemaakt over de theaterwereld in het algemeen en theatergrootheid Welles in het bijzonder. Een film als deze mag iedereen die zich liefhebber noemt eigenlijk niet missen!

Patricia Smagge