The Bank Job (2008)

Regie: Roger Donaldson | 111 minuten | thriller, misdaad | Acteurs: Jason Statham, Saffron Burrows, Stephen Campbell Moore, Daniel Mays, James Faulkner, Alki David, Michael Jibson, Georgia Taylor, Richard Lintern, Peter Bowles, Alistair Petrie, Hattie Morahan, Julian Lewis Jones, Andrew Brooke, Rupert Frazer, Christopher Owen, Keeley Hawes, Taelor Samways, Kasey Baterip, Don Gallagher, Craig Fairbrass, Gerard Horan, Robert Whitelock, David Suchet, Peter De Jersey, Johann Myers, Colin Salmon, Sharon Maughan, Ray Nicholas, Les Kenny-Green, James Kenna, Angus Wright, Mark Phoenix, Rupert Vansittart

De Britse film ‘The Bank Job’ is gebaseerd op een waar gebeurd verhaal. In september 1971 groef een groep bankrovers een tunnel naar de kelders van de Lloyds Bank in de Londonse Baker Street. De rovers forceerden de sloten van de privé-kluisjes en gingen er met de inhoud vandoor. Nadat de Engelse kranten in eerste instantie volop berichtten over de roof volgde na enkele dagen een van hogerhand opgelegde mediastilte. Het gerucht kwam op gang dat sommige kluisjes meer hadden bevat dan geld en juwelen. Maar wat?

De scenaristen van ‘The Bank Job’ hebben hun fantasie aan het werk gezet om een antwoord op deze vraag te verzinnen. Het levert een verhaal op dat zijn spanning uiteindelijk meer ontleent aan de zaken rondom de misdaad, dan aan de misdaad zelf. De overval is eenvoudig te plaatsen in de traditie van heistfilms. Hoewel ‘The Bank Job’ daartussen geen slecht figuur slaat, ontbreekt het aan originaliteit. Echt opwindend wil die overval dan ook nooit worden.

De zaken rondom de overval zijn evenmin opwindend, maar zorgen (vooral in het begin) voor een aardig puzzeltje. Ze zorgen ook voor het afwisselend decor, van het nerinkje in tweedehands auto’s van opperboef Terry tot het pluche van de Engelse politieke elite. Daarbij hebben de makers hun best gedaan om het London van 1971 zo authentiek mogelijk weer te geven, wat de film een aangenaam nostalgisch tintje geeft.

In tegenstelling tot dat decor komen de dialogen allesbehalve authentiek over. Wellicht heeft dat iets te maken met de leeftijd van het scenaristenduo, die gezamenlijk meer dan 140 jaar bedraagt. De gekunstelde dialogen lopen over van de cockneyclichés en herinneren aan de toneelachtige dialogen van televisieseries uit de jaren 70. Dat ze vaak onbeholpen worden opgelepeld helpt dan ook niet echt.

Evenmin geslaagd is de omslag die de film halverwege maakt. Terwijl in het eerste uur de overval wordt afgedaan als een onschuldige kwajongensstreek, wordt de toon in het laatste deel grimmig en vloeit er plotseling bloed. Die verandering van toon maakt dat je na afloop het gevoel hebt naar twee verschillende films te hebben gekeken: een misdaadkomedie en een misdaadthriller. Tel je die twee bij elkaar op dan krijg je een inconsistente maar onderhoudende misdaadthrillerkomedie die kwalitatief op het randje zit.

Henny Wouters