Hellraiser: Bloodline (1996)

Regie: Kevin Yagher, Alan Smithee, Joe Chappelle | 86 minuten | horror, science fiction | Acteurs: Bruce Ramsay, Valentine Vargas, Doug Bradley, Charlotte Chatton, Adam Scott, Kim Myers, Mickey Cottrell, Louis Turenne, Courtland Mead, Louis Mustillo, Jody St. Michael, Paul Perri, Pat Skipper, Christine Harnos, Wren T. Brown, Tom Dugan, Michael Polish, Mark Polish, Jimmy Schuelke, David Schuelke    

Films waarin de ontstaansgeschiedenis van een horroricoon uit de doeken wordt gedaan scoren meestal niet zo hoog. Moesten we nu bijvoorbeeld echt weten hoe Michael Myers de psychopaat werd die hij is? In ‘Hellraiser IV: Bloodline’ gaan we terug in de tijd om te zien wie er nu eigenlijk de fabrikant is van de iconische Lament Configuration puzzelbox. In ‘Hellraiser’ en de twee films die daarop volgden werd daar helemaal niet bij stilgestaan en werd het bestaan er van gewoon aangenomen. Ook wel prettig. Want of deze kennis nu echt onmisbaar is, valt nog te bezien. Of die verklaring een vermakelijke film oplevert, trouwens ook.

Het maken van deze film leverde nogal wat artistieke onenigheden op. Producent Miramax was het niet eens met de versie die regisseur Kevin Yagher had gemaakt en vroeg Joe Chapelle om enkele scènes over te doen. Yagher was zo ontevreden over het eindresultaat dat hij eiste dat zijn naam niet langer aan het project verbonden werd. Enter Alan Smithee! (de fictieve naam die gebruikt wordt in Hollywood wanneer een filmmaker de film de rug toekeert). Het was tevens de laatste film die een bioscooprelease kreeg, alle navolgende ‘Hellraiser’ films zouden rechtstreeks op DVD verschijnen. Daarnaast was dit de laatste ‘Hellraiser’ waarbij Clive Barker betrokken is als uitvoerend producent.

Het is 2127. Locatie, hoe kan het ook anders: een ruimtestation, waarin Dr. Paul Merchant (Bruce Ramsay) probeert de overbekende puzzelbox te openen en de cenobieten vrij te laten om ze vervolgens voor altijd uit te schakelen. Voor hij zijn klus kan klaren wordt hij echter door een groepje soldaten overmeesterd: ze vertrouwen zijn gedrag niet. Aan hem de taak zijn ongelovige collega’s te overtuigen: demonen uit de hel? Yeah, right. Paul vertelt zijn collega’s dat zijn familie al generaties lang geplaagd worden door de cenobieten. En voilà, de scenarioschrijver heeft een mogelijkheid gecreëerd om eens lekker terug te blikken in de tijd en uit te leggen hoe het vermaledijde doosje tot stand is gekomen.

Frankrijk, ergens in de achttiende eeuw. Een onschuldige speelgoedmaker, Phillip L’Merchant (wederom Bruce Ramsay, want voorvader van Paul, dus lijkt extreem op zijn nageslacht eeuwen later) maakt in opdracht van een magiër een puzzeldoosje. Deze goochelaar heeft niet veel goeds in de zin en gebruikt de kubus om de poorten van de hel te openen. Hij bevrijdt daarbij Angelique, maar laat zelf het leven. Angelique ziet er niet uit als een cenobiet, maar is een femme fatale wiens taak het is om de kubus te laten bestaan. Zij ontdekt in 1996 per toeval dat de Merchants nog altijd voortleven en trekt naar de Verenigde Staten om kennis te maken met deze John (je raadt het al, gespeeld door Bruce Ramsay). John Merchant blijkt het gebouw te hebben ontworpen waarin de kubus in deel drie eindigt, dus er is wel een link met de voorgaande film, zij het een zwakke. Verder voegt deze verhaallijn maar weinig toe. Überhaupt heeft deze vierde ‘Hellraiser’ maar een fractie van de sfeer uit de eerste twee delen, waarin de cenobieten de dunne scheidslijn vertegenwoordigden tussen pijn en genot.

Het continue gespring in de tijd maakt ‘Hellraiser IV: Bloodline’ er niet beter op. Het is een rommeltje, waarbij het publiek totaal geen vat krijgt op de personages, vanwege de beperkte schermtijd die ze krijgen. Liefhebbers van gore zullen wel enige lol aan de film beleven, maar eng of griezelig wordt het nooit. Pinhead zelf maakt ook nauwelijks indruk, hij heeft slechts een handjevol aardige oneliners. Een slechte horrorfilm moet toch in ieder geval angst aanjagen, maar zelfs daarin slaagt ‘Bloodline’ niet.

Monica Meijer