De boer die zou gaan emigreren (2008)

Regie: Geertjan Lassche | 85 minuten | documentaire

In Leusden, bij Amersfoort, woont boer Heijmen Brouwer. Ondanks dat de zestigplusser in het midden van Nederland woont, is hij zeker geen gemiddelde boer, laat staan een gemiddelde Nederlander. De veehouder houdt er zijn eigen denk- en handelswijze op na en regels lapt hij liever aan zijn… tja, klompen. Wanneer een buurvrouw klaagt over een dood pinkje dat al weken in een van zijn weilanden ligt en dat het overige vee ook verwaarloosd wordt, komt de AID (Algemene Inspectie Dienst) langs, maar hoewel de kijker allang doorheeft dat de bedrijfsvoering van Brouwer nogal wat te wensen overlaat, komt hij er met een waarschuwing vanaf. Zijn mening over de “klikkende” buurvrouw steekt hij niet onder stoelen of banken. Toch heeft de boer iets vertederends over zich. Zijn knecht Hendrik is een halfblinde man van ver in de zeventig, die het mestruimen inmiddels zo vaak heeft gedaan dat hij daarbij zijn ogen niet eens meer nodig heeft. Hendrik is zo’n kwart eeuw geleden bij de boerderij aan komen waaien (hij kwam uit een psychiatrische inrichting, geheel onterecht volgens Brouwer) en is altijd gebleven. Daaruit spreekt toch een menslievendheid, waar veel mensen nog iets van kunnen leren. Ook is hij zichtbaar emotioneel in een scène waarin hij over zijn vader praat, die in de Tweede Wereldoorlog is overleden, al is niet helemaal duidelijk of dit verdriet nu komt door het aankomende vertrek of de herinnering aan zijn vader. In weer een andere scène, waarin Brouwer samen met zijn bijna twintig jaar jongere vriendin, het graf van zijn ouders probeert op te zoeken, wordt weer het beeld van een eigenwijze man getoond: Brouwer blijkt nog dit graf nooit bezocht te hebben. Niet iedereen heeft immers een tastbare plek nodig om geliefden te herinneren?

Brouwer heeft het wel gehad met de Nederlandse regeltjes en droomt van het opbouwen van een nieuw bestaan in ‘het beloofde land’, Frankrijk. Hendrik, zijn vriendin en zijn vee moeten mee. “Je leeft altijd in angst in Nederland,” aldus Brouwer. Hij hoopt dat het in Frankrijk beter zal gaan, want ondanks dat zij zich aan dezelfde EU regels moeten houden, “gaan ze er daar toch anders mee om.” Hij heeft nog meer van die filosofische uitspraken. “De wereld is gek geworden, overgeleverd aan de wetten en de waanideeën”, is er ook zo een.

Uit de beelden van het boerderijtje dat Brouwer gaat kopen in Frankrijk blijkt inderdaad dat de omgeving in ieder geval inspirerend werkt. Het prachtige Franse weidse landschap moet ideaal zijn voor elke vrije geest. Het verwezenlijken van deze droom gaat echter niet van een leien dakje en dan is het kapotte dak van de bij de boerderij gelegen stal nog het minste probleem. Gehinderd door weer die wetgeving, ditmaal door de verscherpte maatregelen voor het veevervoer in verband met blauwtong, lukt het Brouwer niet om zijn koeien naar hun nieuwe onderkomen te brengen. De emigratie wordt keer op keer uitgesteld. De documentaire krijgt daardoor zelfs een spanningselement, omdat tot het laatst toe onduidelijk blijft of het hem nu gelukt is of niet?

Journalist en filmmaker Geertjan Lassche heeft de beschikking gehad over enorm veel beeldmateriaal dat hij in de drie jaar tijd dat hij Brouwer volgde, kon opnemen. Hij zit daarbij dicht op het onderwerp, maar laat de interpretatie van de beelden over aan de kijker. Dat er door elke kijker een oordeel geveld zal worden over het doen en laten van deze eigenwijze veehouder, is logisch; hulde daarom aan Brouwer, die zich hierdoor kwetsbaar op heeft gesteld. Hulde ook voor Lassche, die de documentaire kon maken met behulp van de Evangelische Omroep (het is een documentaire voor ‘Netwerk’). Hij heeft een tragikomisch beeld geschetst van een boer zoals deze waarschijnlijk niet lang meer te zien zal zijn in Nederland. Onthutsend, grappig, verwonderend, boordevol prachtige opnamen. Een aanrader voor iedereen met maar een greintje interesse in het boerenbedrijf, of liever, in een bijzondere landgenoot.

Monica Meijer