The Bourne Identity (2002)

Regie: Doug Liman | 119 minuten | actie, drama, thriller, avontuur | Acteurs: Matt Damon, Franka Potente, Chris Cooper, Clive Owen, Brian Cox, Adewale Akinnuoye-Agbaje, Gabriel Mann, Walton Goggins, Josh Hamilton, Julia Stiles, Orso Maria Guerrini, Tim Dutton, Denis Braccini, Nicky Naude, David Selburg, Demetri Goritsas, Russell Levy, Anthony Green, Hubert Saint-Macary, David Bamber, Gwenaël Clause, Emanuel Booz, Philippe Durand, Vincent Franklin, Paulette Frantz, Thierry Ashanti, Roger Frost, David Gasman, Harry Gilbert, Delphine Lanson, William Cagnard, Kait Tenison, Joseph Beddelin, Rainer Werner, Katie Thynne    

Intelligente spionage-thriller met een glansrol voor Matt Damon als de getergde Jason Bourne. Het karakter van Bourne is gebaseerd op drie best-sellers van schrijver Robert Ludlum, die tussen 1980 en 1990 ‘The Bourne Identity’, ‘The Bourne Supremacy’ en ‘The Bourne Ultimatum’ schreef. Van het plot van de boeken blijft niet zoveel overeind, hoewel het centrale thema rondom het geheugenverlies van Bourne intact blijft. De boeken gingen voornamelijk over de strijd tussen Bourne en de terrorist Carlos de Jakhals, maar voor de filmversie is het verhaal eigentijdser en flitsender gemaakt. In elk geval is deze filmsversie stukken beter dan de miniserie uit de jaren ’80 met Richard Chamberlain.

Bourne wordt door het schip dat hem zwaargewond uit de Middellandse Zee viste, afgezet aan wal. Intussen heeft hij al glimpsen laten zien van zijn vermogens, onder meer het feit dat hij meerdere talen (Nederlands!) spreekt.

Hij heeft niets anders bij zich dan een capsule met een Zwitsers bankrekeningnummer (oorspronkelijk ingenaaid in zijn dijbeen). Hij verkeert net zo zeer in het duister als de kijker in het begin, wat de spanningsopbouw ten goede komt. In de bank gaat via een (stil) alarm, een signaal uit naar het CIA hoofdkantoor in Langley, Virginia. Een heel team, aangevoerd door Alexander Conklin (Cooper) houdt zich daarna bezig met Bourne en zijn bewegingen. Conklin houdt regelmatig ruggespraak met zijn baas Abbott (Cox) en de twee ambtenaren besluiten om drie andere moordenaars te activeren om Bourne te elimeren. De interactie tussen Cooper en Cox is buitengewoon sterk. De blikken van verstandhouding die ze wisselen en hun woorden laten vooral zien wat ze niet hardop kunnen of willen zeggen.

Intussen probeert Bourne met behulp van de Duitse Marie Kreutz (Potente) uit te vinden waarom hij neergeschoten werd, door wie en waar. Hij komt op het spoor van de Afrikaanse ex-dictator Wombosi (goed neergezet door Akinnuoye-Agbaje) die lastig is voor de CIA en meer lijkt te weten over hetgeen wat Bourne is overkomen.

Zoals gezegd is Damon erg sterk in zijn hoofdrol – en is hij perfect gecast als Bourne. Zijn chemie met Potente is wezenlijk aanwezig en hun aantrekkingskracht en de reden dat ze bij elkaar in de buurt blijven, is overtuigend. In de bijrollen valt, naast de al genoemde acteurs, ook Owen op als zwijgzame, maar erg vasthoudende moordenaar die Bourne blijft achtervolgen. Alleen Stiles heeft een overbodige rol en bovendien acteert ze ook niet erg overtuigend. Hierdoor blijft het een raadsel wat ze nu precies in deze film te zoeken heeft. Het script is inventief en de actiescènes zijn spannend. Een achtervolgingsscène, hoewel cliché in een dergelijk type film, wordt origineel uitgevoerd omdat Bourne en Marie proberen te vluchten in een Mini. Ook helpt het dat dit segment is opgenomen in hartje Parijs, al legt het als geheel toch af tegen de achtervolging in ‘Ronin’ in dezelfde stad.

De vechtscènes zijn niet zo gestileerd en zien er hierdoor behoorlijk bruut en realistisch uit. Ook heeft regisseur Liman een oog voor plaatjes, want ook wat dat betreft is de film behoorlijk verzorgd.

Al met al een sterke thriller, dat op zich een tamelijk afgerond verhaal vormde. Maar gezien het succes en nog twee boektitels op de plank, was het vervolg haast onvermijdelijk; in 2004 dan ook gevolgd door ‘The Bourne Supremacy’.

Hans Geurts

Waardering: 3.5

Bioscooprelease: 17 oktober 2002