Arthur en de wraak van Malthazard – Arthur et la vengeance de Maltazard (2009)

Regie: Luc Besson | 90 minuten | animatie, avontuur, familie | Acteurs: Freddie Highmore, Mia Farrow, Robert Stanton, Penny Balfour, Ron Crawford, Matthew Gonder | Nederlandse stemmencast: Boyan van der Heijden, Kim-Lian van der Meij, Hugo Metsers, Renée Soutendijk, Chris Silos, Dio, Willie Wartaal, Marco Borsato

‘Arthur en de Wraak van Malthazard’ is het vervolg op het aardige ‘Arthur en de Minimoys’, van dezelfde makers drie jaar geleden. De film lijdt een beetje aan het onvermijdelijke sequel syndroom, waarbij deel 1 het altijd wint van deel 2, dat is nu eenmaal zo. Een groot probleem is altijd dat de karakters al geïntroduceerd zijn, tenzij de scenarist nieuwe heeft bedacht, maar dat is hier niet het geval. Ook de formule is hetzelfde: Arthur moet naar zijn kleine vriendjes toe, om ze te helpen, dan wel iets of iemand te redden en dat gaat natuurlijk met de nodige moeite, waarbij hij ook vooral door zijn ouders (stadsmensen die bang zijn voor de natuur) tegengewerkt wordt. Een en ander gaat gepaard met wat drama, wat humor en wat actie en spanning. De animaties zijn overigens subliem.

Ondanks dat er wel gespeeld wordt met het idee dat we respect moeten hebben voor de natuur, komt het een en ander soms wel wat oppervlakkig over. Bijvoorbeeld de prinses, die weliswaar een ‘onafhankelijk, modern meisje’ moet voorstellen, maar die zo’n oppervlakkig uitstraling heeft dat je je afvraagt wat Arthur nou eigenlijk in haar ziet. Ze is wel een babe en heeft belangrijke, rijke ouders, maar dat zal wel niet de reden zijn; je mag er voorlopig nog naar raden. Voorlopig, want wellicht krijgt de prinses nog de kans zich in ‘Arthur 3: De strijd tussen de twee werelden’, het vervolg op deze film die in 2011 uitkomt, te bewijzen. Dat dit dus eigenlijk een halve film is, die eindigt met “wordt vervolgd”, is wel even slikken. Maar ja, na anderhalf uur is de koek op voor de grootste doelgroep, hoewel het verhaal net lekker op gang komt. Nou ja, twee films leveren meer op dan één zullen we maar zeggen, tenminste, als je publiek terugkomt voor de tweede. Of eigenlijk: de derde.

De stijl van de film is snel en avontuurlijk, een beetje Hollywood-Disney-sprookjes-achtig, maar niet zodanig dat de film echt uit Hollywood lijkt te komen, voor de goede verstaander dan. Dat zit zo: de cast komt wel geheel uit Amerika (er wordt ook Amerikaans gesproken, behalve in de Nederlandse versie uiteraard), maar de crew, de producenten, de scenarioschrijvers en de regisseur komen allemaal uit Frankrijk, evenals hoogstwaarschijnlijk het geld. Luc Besson, een van Frankrijks meest succesvolle (commerciële) regisseurs, kan wel een potje breken bij de studiobazen. Hij regisseerde films als ‘Nikita’ (1990), ‘Léon’ (1994) en ‘The Fifth Element’ (1997) en schreef alle scenario’s van de succesvolle (Franse) ‘Taxi’ films. Zo heeft hij zijn sporen verdiend in het hippe mediacultuurtje à la nieuwe millennium en geeft hij aan de taal van de straat te begrijpen. Dat laatste vertaalt zich in de stoerste scènes van deze film. Dit zijn de scènes die zich afspelen in ‘de stad’ (ministad onder de kelder van opa’s huis!), die er fantastisch hip en kleurrijk uit ziet en waar een lekker vette achtervolging plaatsvindt. Absoluut het leukste deel van de film, die wat minder interessant en vooral ook kinderachtiger wordt zodra de echte wereld weer in beeld komt.

Met de Arthur reeks doen de Fransen absoluut mee in de race om de beste, vetste en hipste animaties te maken en hoewel de onbetwiste koploper in die race, Pixar, haast niet bij te houden is, komt men aardig in de buurt. Het verhaal is wat overdreven hier en daar, vooral in de uitwerking van een aantal personages, zoals de twee ouders, die wel erg stereotype zijn, maar de animatie afdeling vangt de ergste klappen op. Komen we terug voor het vervolg? Misschien.

Arjen Dijkstra