Dik Trom (2010)

Regie: Arne Toonen | 84 minuten | familie | Acteurs: Michael Nierse, Marcel Musters, Eva van der Gucht, Thijs Römer, Loes Haverkort, Nils Verkooijen, Fiona Livingston

Dik Trom is een oude bekende in filmland. De titelheld uit de jeugdromans van C. Joh. Kieviet verscheen tussen de jaren 40 en 70 met flinke tussenpozen op het grote scherm. In 2010 duikt Dik Trom opnieuw op in de bioscoop, in een komische jeugdfilm die helemaal losstaat van de bron. De 21e eeuwse Dik heeft niets meer te maken met de boeken van Kievit, behalve een goedhartige titelheld met een BMI van 30+.

Het resultaat is een vrolijke en grappige film, maar wel een met een lastige boodschap. Dikheid wordt hier niet gezien als iets wat je moet accepteren, maar als een prijzenswaardig ideaal. Dunne mensen zijn saai en streng, dikkerds zijn vrolijk en sociaal. Of dat nu waar is of niet, in een tijd waarin een gemiddeld kind twee bioscoopzitjes in beslag neemt, is het een opvallende moraal.

Die lastige boodschap is geen reden deze film te skippen. De humor in ‘Dik Trom’ is gericht op prepubers, met veel fysieke grappen, cartooneske capriolen en het soort flauwe woordspelingen waar de doelgroep dol op is. Voor volwassenen zijn er geslaagde visuele vondsten en een enkele aardige taalgrap.

De speelse en stijlvaste visualisering is de grootste kracht van deze 21e eeuwse ‘Dik Trom’. Anders dan in de boeken, speelt het verhaal zich niet af in Hoofddorp ergens in de twintigste eeuw, maar in een van de tijd losgeraakt fantasiedorpje zoals je ze vaak in stripverhalen en tekenfilms ziet. In dat dorp zijn de contrasten dik aangezet. Tegenover de steriele witte bouwsels van de dunnerds, staat het kleurrijke huishouden van de familie Trom. Er is een wit klaslokaal met fietspedaaltjes onder de banken, een hypermoderne supermarkt, een trio deftige heren in kostuum en bolhoed, een restauranthouder die zo uit de jaren 50 komt en een sportschooltrainer uit de jaren 80. Merkwaardig genoeg vormen die ongelijksoortige elementen een fraai en vanzelfsprekend geheel, waarin het anderhalf uur prettig toeven is.

Niet alles is even geslaagd. Te veel grappen richten zich op de tegenstelling dik/dun en het woord vetklep kun je na een kwartier echt niet meer horen. Niet alle jonkies acteren op het niveau van de volwassenen en het verhaal is iets te voorspelbaar. Neemt niet weg dat deze ‘Dik Trom’ een verfrissende jeugdfilm is voor het hele gezin. Een komedie waar je je veel te dikke kind gerust naartoe kunt sturen. Zolang je hem daarna maar op wortelsap en mueslibolletjes zet.

Henny Wouters