Coureur (2018)

Recensie Coureur CinemagazineRegie: Kenneth Mercken | 96 minuten | drama | Acteurs: Fortunato Cerlino, Koen De Graeve, Karlijn Sileghem, Loïc Bellemans, Nicola Rignanese, Günther Lesage, Niels Willaerts, Carlo Ferrante, Vladislav Prigunov, Patrick Tuerlinckx, Anton Petrov

Als er één sport bol staat van de heroïek en romantiek, is het de wielersport. Het grote afzien, te midden van het mooiste buitenleven. Het landschap als kunstvorm en valstrik tegelijkertijd. De valpartijen, lekke banden en hongerklop. Als Sisyphus de bergen op en als Icarus ook weer net zo snel naar beneden. In zompige kou of verzengende hitte. In die strijd tegen de elementen worden ware helden geboren. Voor het overgrote deel van het wielerpeloton resteert echter niets meer dan de eer van het meedoen. Toch zwoegen zij ook vrijwel het ganse jaar over de overwegend Europese wegen in de jacht naar die kleine kans op historische glorie.

Zo ook de jonge Felix Vereecke (Niels Willaerts). Hoewel de negentienjarige over het nodige talent beschikt, is de weg naar de top lang. Zeer lang. Aan het begin van het (hoe kan het ook anders) Vlaamse ‘Coureur’ ziet het er nog goed voor Felix uit. Hij wordt landskampioen bij de Belgische beloften. Een contract als semiprof bij een Italiaanse ploeg lonkt. Zijn genen, vader en oom hebben ook een verdienstelijke wielercarrière gehad, moeten hem het laatste zetje geven richting een vaste aanstelling als profcoureur.

Dat het wielerbloed rijkelijk stroomt in de familie Vereecke heeft echter ook zijn keerzijde. Een ander leven dan dit kent Felix niet. Vader Mathieu (Koen de Graeve) waakt er voor dat de jongen zijn hoofd verliest aan randzaken als meisjes en uitgaan. Na zijn vertrek naar Italië zijn het manager Leone (Fortunato Cerlino) en zijn staf die de teugels strak houden. Alles staat in dienst van dat ene doel: een profcarrière. Maar de wielerwereld is keihard. De concurrentiestrijd met zijn teamgenoten valt de schuchtere jongen zwaar. De lokroep naar stimulerende middelen klinkt almaar luider. Felix kiest voor de sprong in het diepe. De jongen die ooit bang voor naalden was, verandert geleidelijk in een man die zich met groot gemak volspuit met doping. Een eigenzinnige waterdrager die met alles en iedereen de strijd aangaat. Zijn vader, het ploegwezen en vooral met zichzelf. Wie het verst wil springen, kan evenwel het hardst vallen.

Zo is het portret van de sport in ‘Coureur’ niet enkel liefdevol, maar toont het eveneens de schaduwzijde van het wielerbestaan. Vernieuwend is dat allerminst, maar door vol op de emotie van hoofdpersoon Felix in te spelen deert dat ook niet. Wanneer de film in dialoog een beschrijving geeft van hoe het er in de sport aan toe gaat, zoomt de camera in op de ogen van Felix. Duiding en emotie worden slim aan elkaar gekoppeld, zijn lot voor altijd verbonden aan het cyclisme. Door de sporter centraal te stellen, en niet zozeer de sport zelf, is de film als gevolg ook interessant voor wielerleken.

Daarbij wordt ‘Coureur’ vooruit geholpen door de fraaie enscenering. Regisseur Kenneth Mercken, die de film op zijn eigen jeugdervaringen heeft gebaseerd, hanteert een pakkend rauwe cameravoering. De fraaie belichting en sfeervolle muziek brengen de beproevingen van Felix dichtbij, net als de meeslepende dialogen en het innemende acteerwerk. De beelden van de koers zelf blinken vooral uit door de montage. De rappe opvolging van shots geeft als vanzelf een gevoel van noodzakelijkheid en spanning. De heroïek en romantiek van de wielersport, in al zijn facetten en tegenstellingen, wordt in ‘Coureur’ voortreffelijk uitgedragen.

Wouter Los

Waardering: 4.5

Bioscooprelease: 9 mei 2019