Dead Man’s Shoes (2004)

Regie: Shane Meadows | 90 minuten | thriller | Acteurs: Paddy Considine, Gary Stretch, Toby Kebbell, Emily Aston, Neil Bell, Craig Considine, Matt Considine, Jo Hartley, Paul Hurstfield, George Newton, Seamus O’Neal, Paul Sadot, Andrew Shim, Stuart Wolfenden

Een verrassing op het IFFR. ‘Dead Man’s Shoes’ is niet flink gepromoot, was ook niet een van de ‘must sees’, maar langzaamaan verkreeg deze film een buzz. Waarom? Omdat het een verdomd goede film is. De film kreeg niets dan lovende kritieken in thuisland Groot Britannië en werd genomineerd voor de Bafta en de British Independent Film Awards voor beste film van het jaar.

Het verhaal is niet bijster origineel: ‘Een oude soldaat komt terug naar zijn geboortedorp om wraak te nemen’. Dit soort verhalen hebben we in alle vormen en maten al eerder gezien. Deze film laat zien dat je je hoofd niet hoeft te breken over een origineel concept, maar dat kwaliteit afhankelijk is van een goed script, uitmuntende cinematografie en uitzonderlijk sterke acteurs. Een ander sterk punt van de film, en dat is de verdienste van regisseur Meadows, is het spelen met de verwachtingen van de kijker. Hij (mis-) gebruikt onze filmkennis betreffende genre en conventies. Het spel en camerawerk van ‘Dead Man’s Shoes’ doet je denken aan Engels realisme. Dit zijn over het algemeen naargeestige films (denk aan Ken Loach) waarbij intermenselijke problematiek flink wordt uitgemeten. De korrelige grauwe manier van filmen (vaak met bewegende camera) laat veel ruimte voor dialoog en een uitstekend acteerwerk. De film verandert echter van Engels realisme in een zeer harde, bloederige wraakfilm. Het verhaal doet zelfs denken aan de oude Clint Eastwood westerns (een zwijgende onbekende man komt in klein dorp, moordt iedereen uit, en achteraf ontdek je welk drama zich vroeger heeft afgespeeld), terwijl het Engelse landschap in niets lijkt op de uitgestorven prairies in die films. Erg sterk en zeer verrassend van Meadows.

Het script heeft een ijzersterk ritme, waarbij je als kijker lange tijd in complete verwarring wordt gelaten over wat er gebeurd is met de twee broers. Waarom neemt Richard wraak? De langzame start concentreert zich vooral op de relatie tussen de twee broers. De verhouding tussen de sterke broer Richard en de licht achterlijke jongere broer wordt op uitstekende wijze verteld. Geen directe opmerkingen, geen ‘kort door de bocht’ dialoog, maar subtiele, zelfs aandoenlijke gesprekken die alles zeggen wat je als kijker moet weten over deze twee broers. Dan volgt de spanningsopbouw van de jacht op de misdadigers. Nog steeds tast je op dit moment in het duister van wat er gebeurd is. De spanningsopbouw, waarin de jacht wordt geopend, geeft de film een intense vaart. Je wordt heen en weer geslingerd tussen de vraagtekens die je hebt over wat er is gebeurd en de keiharde geweldsscènes. Die gewelddadigheid komt aan als een klap in je gezicht. Het is zo’n tegenstelling tot wat je eerder gezien hebt. Richards wraakacties doen aan als een rijdende trein, geen stoppen meer aan. Als de laatste kwelgeest is gedood, verwacht je dat de film zijn einde heeft bereikt. We weten inmiddels veel meer wat er is gebeurd, maar dan komt er weer een verrassing met de daadwerkelijke ontknoping. Er volgt namelijk een gedeelte met daarin de echte vraag van de film: Hoe straf je iemand die de misdaad niet daadwerkelijk heeft gepleegd, maar het wel tegen had kunnen houden, maar dat niet heeft gedaan? Zodoende krijgt de film aan het einde nog een psychologische extra draai, waar je later in de kroeg met je vrienden over kan debatteren.

Dit alles moet natuurlijk gedragen worden door enkele sterke acteurs. Als de twee broers zien we Paddy Considine en Toby Kebbell. Toby Kebbell is eigenlijk een nieuwkomer maar zijn Anthony is zeer sterk. De ‘achterlijke’ jongen is kwetsbaar en innemend. De echte kracht van de cast licht echter bij Paddy Considine. Deze niet erg bekende acteur levert hier de sterkste vertolking van het jaar af. Paddy, die zelf meeschreef aan het script, maakt van Richard een gekwelde held die zowel innemend is als absoluut angstaanjagend. Zijn gezicht straalt verdriet, woede en schuldgevoel tegelijkertijd uit. Een memorabele rol.

Natuurlijk is er wel het een en ander aan te merken op deze film. De slechtste kwelgeest wordt veel te laat in het verhaal geïntroduceerd. Daardoor begrijp je niet waarom hij de grootste slechterik is. Als hij eerder geïntroduceerd was en er iets duidelijker stelling was genomen waarom zijn kwelling het ergste was, dan was de laatste zoektocht wat meer tot zijn recht gekomen. De keuze om pas echt op het eind aan te geven wat er gebeurd is, is een tweede fout in de film. De kijker heeft inmiddels al veel ergere dingen in zijn hoofd gehaald. Hoewel je de uiteindelijke kwelling inderdaad niet aan ziet komen, hebben zich al honderden mogelijkheden afgespeeld in het hoofd van de kijker.

Er worden te weinig films zoals deze gemaakt in een tijd van grote wapens, grote explosies en megabudgetten. Het bewijst dat je met een goed script en sterke acteurs een veel betere film maakt.

Marieke Jongen