Final Fantasy: The Spirits Within (2001)

Regie: Hironobu Sakaguch | 102 minuten | actie, drama, animatie, avontuur, romantiek, fantasie, science fiction | Originele stemmencast: James Woods, Ving Rhames, Donald Sutherland, Alec Baldwin, Steve Buscemi, Ming-Na, Peri Gilpin, Keith David, Jean Simmons, Matt McKenzie

Sinds ‘The Lord of the Rings’ is de motion capture techniek gemeengoed geworden, en heeft het gezorgd voor zeer realistisch overkomende digitaal geproduceerde personages. Het is echter niet bij dieren of andere wezens als Gollum, de Hulk, en King Kong gebleven. De altijd vooruitstrevende regisseur op het gebied van animatietechnieken Robert Zemeckis heeft al herhaaldelijk geprobeerd om de live action wereld te combineren of laten fuseren met de animatiewereld. In ‘Who Framed Roger Rabbit’ waren dit nog voornamelijk gescheiden werelden, maar in ‘The Polar Express’ toverde hij zijn acteurs – waaronder Tom Hanks – om tot digitale wezens, waarmee deze een veel grotere bewegingsvrijheid kregen dan ze normaliter zouden hebben. In ‘Beowulf’ is deze techniek weer een stukje verder ontwikkeld en komen de animaties soms akelig dicht bij de beelden van echte mensen in de buurt, al zal het wellicht nooit volledig mogelijk worden om een echt, organisch mens, met al zijn subtiele gezichtsuitdrukkingen en blikken die boekdelen spreken, te reproduceren. Zemeckis is echter niet de eerste filmmaker die zich aan een dergelijke hachelijke onderneming waagt. In 2001 al deed een ambitieuze Japanse studio een poging om via computeranimatie mensen van vlees en bloed op een fotorealistische manier te creëren. En, hoewel niet geheel bevredigend, was het resultaat zonder meer verbluffend te noemen.

Toen de film uitkwam, was het de teneur onder critici om de film als een mislukking te bestempelen, en enkel en alleen op de technische aspecten te letten die minder geslaagd waren. Maar niet alleen critici haalden hun neus op voor de film, het grote publiek bleef ook thuis – deels, wellicht, door de vernietigende kritieken en deels door het relatieve gebrek aan hype en promotie. Het resultaat was dat de film flopte en de studio, die heel veel had geïnvesteerd in deze vooruitstrevende film, er bijna aan onder door ging. Maar studio Squaresoft besloot te fuseren met concurrent Enix, en maakte onder de nieuwe naam ‘Square-Enix’ enkele jaren later nog een andere film in het “Final Fantasy”-universum: het niet veel minder indrukwekkende ‘Final Fantasy VII: Advent Children’
‘Final Fantasy: The Spirits Within’ is losjes gebaseerd op de Final Fantasy-videogameserie op de Playstation. Heel losjes, want van herkenbare personages is nauwelijks sprake. Eigenlijk zou je kunnen stellen dat het verhaal zich louter in eenzelfde soort universum afspeelt. Kijkers die een meer letterlijke filmvertaling van de games wensen, kunnen zich beter wenden tot de recentere animatiefilm ‘Final Fantasy VII: Advent Children’. En misschien is dit ook wel een betere benadering. In ieder geval hoeven de makers zich nu minder beperkt te voelen in hun creatieve vrijheid. Want ‘The Spirits Within’ is niet alleen een technisch hoogstandje, maar ook een emotioneel en filosofisch werkstukje.

Maar eerst de techniek. Om te stellen dat de film – of de animatietechniek – een mislukking is omdat de personages vaak niet als echte mensen overkomen en dat een romantisch moment tussen twee hoofdpersonages niet geheel overtuigend is door de achterblijvende techniek, is de baby met het badwater weggooien. Het is niet eens een geval van het glas als half vol of half leeg te zien, maar simpelweg een kwestie van muggenziften. Nee, de techniek is niet perfect en we zien meestal wel dat het hier om animaties gaat en niet om mensen van vlees en bloed, maar hetgeen er wel allemaal bereikt is met de film is wonderbaarlijk. Het gedetailleerde, soepel bewegende haar van Aki, de realistisch ogende grijze haartjes in de baard van Aki’s mentor Sid (Donald Sutherland), de uitdrukkingen van de personages en nuances in hun gezichten, de manier waarop de kleding over de lichamen valt, het is allemaal indrukwekkend. En dan zijn de “conventionelere” , non-menselijke animaties nog niet eens besproken. De fantasievolle transparante geesten, de ruimteschepen, de realistische look van de omgevingen – bijvoorbeeld wanneer Aki haar eerste ziel gaat zoeken op een vreemde planeet, waar auto’s en vernielde gebouwen prachtig realistisch in beeld komen – het doet de kijker allemaal met grote ogen naar het scherm kijken. Er zitten vele scènes in de film die ronduit magisch zijn. De wijze waarop Aki de omgevingen onderzoekt met het digitale navigatiesysteem dat Aki om haar pols heeft zitten, doet aan als een scène uit ‘The Terminator’ en uit videogames, maar is mooi om te zien. Wanneer Aki wat licht wil scheppen in de duisternis, gebruikt ze hier een prachtige methode voor: ze gebruikt een soort lichtpistool, waarvan het patroon in duizenden fonkelende sterretjes uiteen knalt. En het droomachtige beeld van Aki die op een vloeibare vloer staat, van onder af bekeken, is zo in het oog springend en origineel dat het later als inspiratie heeft gediend voor een Nederlandse reclame.

Zoals gezegd, is de kracht van de film niet louter de animatie. Het is geen gimmickfilm, die buiten zijn technologische innovaties niets te bieden heeft. Het verhaal heeft namelijk, zoals wel meer science fiction films een uitgesproken spirituele en filosofische component. De regisseur heeft in het verhaal een originele opvatting verwerkt over de ziel en waar deze vandaan komt en naartoe gaat. De theorie is dat iedere ziel op aarde verbonden is en teruggaat naar de ziel van de aarde, Gaya genaamd. De regisseur heeft dit thema gebruikt om de dood van zijn vader – die aan kanker is gestorven – een plaats te kunnen geven en je merkt als kijker dat de film een emotionele uitlaatklep is geweest voor de regisseur. Vooral het harmonische einde van de film zorgt ervoor dat het geheel aanvoelt als een betrokken werk, een film die met liefde gemaakt is. In ‘The Spirits Within’ speelt deze thematiek een centrale rol. Aki komt met deze controversiële theorie naar voren wanneer een oplossing wordt gezocht voor het probleem met de aanvallen van de draakachtige geesten. Aki stelt een geweldloze oplossing voor, gebaseerd op inlevingsvermogen en een houding van “leven en laten leven”. Deze oplossing vindt weinig bijval, vooral niet bij de militaristische schurk van de film (met de stem van James Woods), die het liefst alles en iedereen kapot schiet en meent dat er niet te onderhandelen valt met deze monsters.

‘Final Fantasy: The Spirits Within’ komt af en toe wat houterig over en overtuigt niet volledig in zijn fotorealistische animatie, met name wanneer onderlinge emoties een rol spelen, maar datgene wat er wél is bereikt, is indrukwekkend. De acteurs die de stemmen verlenen aan de verschillende personages, zoals Ving Rhames en Donald Sutherland, zijn zowaar terug te zien in hun geanimeerde evenbeelden, en de algehele indruk van de animatie – van de mensen, de monsters, de omgevingen – is zonder twijfel positief. Daar komt bij dat het verhaal, vooral de thematiek, inhoud heeft en de kijker daadwerkelijk aan het denken zet. Spiritueel, magisch, en machtig mooi… ‘Final Fantasy: The Spirits Within’ kan niet anders dan als een groots succes worden gezien.

Bart Rietvink