The Fog of War. Eleven Lessons from the Life of Robert S. McNamara (2003)

Regie: Errol Morris | 107 minuten | documentaire | Met: Robert S. McNamara

Deze Oscarwinnende documentaire van Errol Morris heeft als volledige titel: ‘The Fog of War. Eleven Lessons from the Life of Robert S. McNamara’. De documentaire is dan ook onderverdeeld in elf lessen, die bestaan uit kreten als: “Emphatize with the enemy” en “Get the data”. Hoewel deze lessen soms afkomstig lijken te zijn uit een boek als “Oorlogvoeren voor dummies”, weet McNamara de kijker toch duidelijk te maken dat het juist deze simpele dingen zijn die men in tijden van oorlog achterwege laat. Vaak heeft McNamara deze lessen zelf op pijnlijke wijze moeten leren: zijn les over het proportioneel gebruik maken van geweld is daar het meest treffende voorbeeld van. Daarin vertelt hij over de enorme hoeveelheid brandbommen die, onder andere onder zijn leiding, op Japan gegooid zijn en grote delen van het land verwoest hebben. Hij vraagt zich daarbij af in hoeverre het nog noodzakelijk was om na deze grote aanvallen een aantal atoombommen op het reeds in puin liggende land te werpen. Het lijkt op zijn zachtst gezegd een redelijke vraag.

Eenieder zal aan het einde van zijn leven berusting moeten vinden in de beslissingen die hij of zij genomen heeft. Het verschil met McNamara is dat de beslissingen die hij genomen heeft de levens van honderdduizenden mensen gekost hebben. Toch biedt hij hier op geen enkel moment zijn excuses voor aan. Enerzijds frustreert dat, anderzijds maakt dat hem een eerlijker man. Want wie heeft er nu wat aan zijn excuses? En in hoeverre kun je een enkel persoon verantwoordelijk stellen voor zo’n groot politiek drama als de Vietnamoorlog? McNamara hamert erop dat het zijn taak was om de president te dienen; niet om zijn eigen beleid te voeren. Hoewel over deze stelling met recht getwist kan worden, is dat niet hetgeen waar het in deze documentaire om draait. Errol Morris, die met zijn linkse achtergrond altijd een fel tegenstander is geweest van McNamara, biedt deze zogenaamde ‘walking IBM machine’ een platform om zijn versie van het verhaal te doen. De waarheid ligt daarbij ongetwijfeld in het midden.

De interviews met McNamara zijn opgenomen met behulp van een door Morris ontworpen interviewmachine, de Interrotron. Hierdoor is het mogelijk gemaakt voor de geïnterviewde om zijn interviewer –via een scherm- aan te kijken en tegelijkertijd de lens in te staren. De interviewer kan op zijn beurt de geïnterviewde voortdurend –via een scherm- aankijken en tegelijkertijd de camera bedienen. Zo ontstaat er een enorm persoonlijke sfeer en lijkt het in dit geval alsof McNamara continu oogcontact met ons, de kijkers, maakt. Morris heeft uit ruim twintig uur interviewmateriaal een keuze moeten maken. Dat hij het uiteindelijke gesprek heeft gemanipuleerd laat hij zien door soms gebruik te maken van ruwe montageovergangen. Daarnaast heeft hij de interviews aangevuld met zowel nieuw als oud beeldmateriaal en zijn er bandopnames te horen van telefoongesprekken tussen McNamara en de presidenten voor wie hij gewerkt heeft.

Het uiteindelijke beeld dat in deze documentaire van Robert S. McNamara ontstaat, is niet eenduidig. Als kijker zit je opgezadeld met het beeld van een vriendelijke oude man die enerzijds verantwoordelijk is voor de uitvinding van de veiligheidsgordel, en die anderzijds het levende bewijs is dat goede intenties een hoop leed kunnen aanrichten. Goed en kwaad laten zich nu eenmaal niet zo makkelijk onderscheiden als wij soms denken – en in tijden van oorlog al helemaal niet.

Laura Groeneveld