The Phantom of the Opera (2004)

Regie: Joel Schumacher | 142 minuten | drama, romantiek, fantasie, musical, thriller | Acteurs: Emmy Rossum, Gerard Butler, Patrick Wilson, Miranda Richardson, Minnie Driver, Ciarán Hinds, Simon Callow, Victor McGuire, Jennifer Ellison, Murray Melvin, Kevin McNally, James Fleet, Imogen Bain, Miles Western, Judith Paris

Eindelijk. Na heel (heel) lang wachten is het tijd voor de verfilming van een van de grootste spektakelmusicals ooit op toneel verschenen. En wat voor een!

Al in de jaren 80 was er sprake van dat Andrew Lloyd Webbers musical in de bioscopen zou verschijnen. Voor de hoofdrollen waren Sarah Brightman en Antonio Banderas aangetrokken. Helaas, de scheiding van Brightman en Lloyd Webber zorgde ervoor dat de fans nog jaren zouden moeten wachten.

De film begint, met hoe kan het ook anders, een van de spectaculairste openingsscènes die het musicaltheater kent: het omhoog hijsen van een immens grote kroonluchter. Het is Schumacher redelijk gelukt om dit te verfilmen zodat de magie van het theater behouden blijft. En dat houdt hij de hele film vol, hulde.

Het spook (aka the Phantom) dat in de opera woont, wordt gespeeld door Gerard Butler. Dat is niet de getergde, wat oudere man met een vreselijk mismaakt gezicht die Gaston Leroux had bedacht, noch de man die neergezet wordt in alle theaters waar Lloyd Webbers musical speelt. Nee, in deze versie is het een jongeman, iets ouder dan Christine. Zijn gezicht is niet overtuigend genoeg in de zin dat het absoluut niet angstaanjagend is, en hiermee is de overtuigingskracht van het hele verhaal een stuk minder. Butler is ook niet gezegend met een gouden keeltje, terwijl zijn rol het draagvlak moet zijn van de film. Heel jammer dat zijn vocale talent ondermaats is, het neemt een groot stuk betovering weg.

De rol van Christine wordt gespeeld door Emmy Rossum. Een achttienjarig, naïef meisje met zo’n grote rol, werkt dat? Ja, dat lukt redelijk, haar gezang is in ieder geval leuker om naar te luisteren dan dat van haar geobsedeerde ‘Angel of Music’.

Patrick Wilson is gecast voor de rol van Raoul, de jeugdliefde van Christine waar ze uiteindelijk ook weer op valt, wat zorgt voor de woede van het Spook. Hij is wel aardig, qua zang ook redelijk, maar zet niet een memorabele prestatie neer.

Genoemd moet worden Minnie Driver, een van de bekendste namen die deze film bevat. Voor haar doen is haar acteren onder gemiddeld, maar dat kan ook liggen aan het feit dat ze de helft heeft moeten playbacken, daar ze haar rol niet zelf heeft ingezongen. Daar heeft Schumacher een echte operazangeres voor ingehuurd. Waarom Driver dan Carlotta speelt is een raadsel, de rol is verre van geschikt. In het theater is gekozen voor een grote, gezette operazangeres die duidelijk aanwezig is. Driver met haar ietwat fragiele figuur zorgt dat de rol helemaal in het niet valt, terwijl het juist zo’n grappig personage kan zijn, als ze maar op de juiste manier wordt neergezet.

Heel fijn, zeker voor de fans, is dat de liedjes hetzelfde zijn gebleven. Werkelijk alles komt voorbij, wat maakt dat de film net zo lang duurt als de theatermusical. Een minpuntje is dat de makers ervoor hebben gekozen om niet alle gezongen delen er op die manier in te houden. Sommige liedjes worden half opgezegd, half gezongen. Dit maakt dat het raar en warrig overkomt, immers, alles rijmt nog wel en het ritme is aanwezig. Verkeerde keuze. Ook zonde is dat sommige proza-teksten ineens wel gezongen worden. Deze wisseling had beter alleen bij een idee kunnen blijven, want het doet niet veel goeds voor de film. Het grootste minpunt is eigenlijk dat bij de gezongen gedeeltes de nasynchronisatie niet gelijk loopt met wat de kijker ziet, waardoor alles slecht geplaybacked overkomt.

Ook heeft Schumacher ervoor gekozen om de kroonluchter op een later tijdstip te laten vallen, waarschijnlijk voor een extra groot dramatisch effect. Het past goed in het verhaal op deze manier, maar het verplaatst het actiegedeelte van de film wel een heel eind naar achteren. Hierdoor zit er in het midden geen spanning, maar aan het eind des te meer.

‘The Phantom of the Opera’ is de lang verwachte verfilming van een van de meest succesvolle musicals ooit gemaakt. Ondanks alle negativiteit in deze recensie kunnen de fans toch hun hart ophalen. Al haalt het het lang niet bij het echte majestueuze theatergevoel, toch lukt het Schumacher, met dank aan hele mooie shots en scènes, een beetje dat gevoel over te brengen. Detail: voor de film heeft hij het theater waar alles zich afspeelt laten nabouwen tot in de kleinste details. Bij de beroemde kroonluchterscène is dit theater ook in werkelijkheid in vlammen opgegaan, erg gewaagd, daar het in een take erop moest staan. Maar dat is gelukt! Met een spectaculair resultaat.

Had Schumacher betere acteurs en actrices aangetrokken, dan was dit zeker een meesterwerk geweest. De film heeft 3,8 sterren, afgerond naar 4, met dank aan de prachtige muziek, het decor, de kostuums en het talent van alle overige acteurs. ‘Brava, brava’, maar de ‘bravissima’ blijft achterwege.

Tessa Obbens