The Queen (2006)

Regie: Stephen Frears | 104 minuten | biografie, drama | Acteurs: Helen Mirren, James Cromwell, Michael Sheen, Helen McCrory, Roger Allam, Syliva Syms, Alex Jennings, Tim McMullan, Douglas Reith, Robin Soans, Lola Peploe, Joyce Henderson, Pat Laffan, Amanda Hadingue, John McGlynn, Gray O’Brien, Dolina MacLennan, Jake Taylor Shantos, Dash Barber, Mark Bazeley, Kananu Kirimi, Susan Hitch, Julian Firth, Harry Alexander Coath, Earl Cameron, Elliot Levey, Anthony de Baeck, Emmy Lou Harries, Laurence Burg, Wolfgan Pissors, Malou Beauvoir, Paul Barrett, Xavier Castano, Michel Gay  

Hoewel de tragische dood van Lady Diana Spencer op zich geen wereldschokkende gebeurtenis was, zorgde de nasleep ervan dat de ‘People’s Princess’ nog wel even in de geschiedenisboeken zal blijven. De uitbraak van collectieve rouw die volgde op de dood van Diana was van een ongekende massaliteit: bloemenzeeën, condoleanceregisters en grote groepen van rouwenden rond Buckingham Palace. Daarnaast zorgde Diana’s dood voor een vertrouwenscrisis tussen koningshuis en onderdanen. Tot ongenoegen van het Britse volk ging de vlag op Buckingham Palace niet halfstok en weigerde de familie te vertrekken van het landgoed in het Schotse Balmoral.

De Engelse speelfilm ‘The Queen’ voert ons terug naar die hectische dagen. Van dag tot dag volgen we de koninklijke familie, een familie die zich nauwelijks raad weet met de situatie. Ook treffen we Tony Blair aan die als net aangestelde premier bemiddelt tussen koningshuis en volk. Blair begrijpt als een van de weinigen de dilemma’s van de koninklijke familie en het is dan ook aan hem om de boel te sussen. Met deze film laat veteraan Stephen Frears weer eens zien waarom hij tot de betere Engelse regisseurs behoort. De wijze waarop Frears hier de gebeurtenissen schetst, gespeelde scènes afgewisseld met fragmenten uit journaals en actualiteitenrubrieken, zorgt voor een geloofwaardige reconstructie. Zo geloofwaardig zelfs dat de handelingen van de Windsors een stuk begrijpelijker worden dan het hysterische gedrag van het rouwende volk.

Zo mogelijk nog overtuigender is de toon van de film. Omdat maar weinig mensen de royalty werkelijk kennen, worden de leden van het koningshuis vaak neergezet als karikaturen of überformele ijskonijnen. Frears vermijdt deze valkuil maar zet de familie ook niet neer als mensen van vlees en bloed. In ‘The Queen’ zijn de Windsors eerder een familie van koninklijken vleesch en bloede, waar een eeuwenlange opvoedkundige traditie wel zijn sporen heeft nagelaten maar nog lang niet alle menselijkheid heeft uitgewist.

Een mooi contrast hiermee vormen de scènes met het gezin Blair, een huishouden waar gezellige chaos de norm lijkt. ‘The Queen’ houdt zich impliciet ook bezig met het kijkend publiek. Als Tony Blair tegen zijn vrouw zegt dat generalisaties over het koningshuis een belediging zijn voor haar eigen intelligentie, mag het publiek zich dat net zo hard aantrekken. Ook zal de kijker merken dat collectieve rouw om een nooit gekend idool een paar lastige vragen oproept. Tegelijk laat de film zien hoe moeilijk het moderne koningshuis het heeft.

In ‘The Queen’ wordt een instituut dat zijn bestaansrecht, uitstraling en aantrekkingskracht dankt aan eeuwenoude tradities, door het volk ter verantwoording geroepen juist als het zich gedraagt naar wat die tradities voorschrijven. En dat betekent een lastige spagaat. Het is jammer dat halverwege ‘The Queen’ een dramaturgische kunstgreep wordt toegepast (iets met een hert) die een aardige analogie oplevert maar te veel botst met het kroniekachtig realisme van daarvoor. Gelukkig is dat het enige minpuntje, een minpuntje dat er wel voor zorgt dat de zakdoeken te voorschijn gehaald kunnen worden.

Voor het overige blinkt ‘The Queen’ uit in vakmanschap; dialogen, fotografie en cast zijn alle van hoge kwaliteit, waarbij vooral Helen Mirren en James Cromwell veel indruk maken als koninklijk paar. Het resulteert in een prachtige film waar zowel monarchist als antimonarchist mee moet kunnen leven.

Henny Wouters