Dialogue avec mon jardinier (2007)

Regie: Jean Becker | 105 minuten | komedie | Acteurs: Daniel Auteuil, Jean-Pierre Darroussin, Fanny Cottençon, Alexia Barlier, Hiam Abbass, Élodie Navarre, Roger Van Hool, Michel Lagueyrie, Christian Schiaretti, Jean-Claude Bolle-Reddat, Bernard Crombey, Nicolas Vaude, Coralie André, Monique Roussel, André Lutrand, Elric Thomas, Mickey Dedaj, Stephane Kordyl

Een kunstschilder ontvlucht min of meer Parijs. Zijn beide ouders zijn overleden en hij wil het verwaarloosde ouderlijk huis opknappen om erin te gaan wonen. Bij het huis hoort een groot stuk grond en zijn idee is om de oude moestuin van zijn moeder te herstellen en de groente voor eigen gebruik te oogsten. De hulp die hij inhuurt blijkt een vriendje van de lagere school te zijn dat zijn leven lang heeft gebeuld in dienst van de spoorwegen, maar van wie de grote passie tuinieren is. Ze kunnen het meteen weer goed met elkaar vinden, hoewel de kunstschilder een man van de wereld is geworden en deel uitmaakt van de Parijse elite en Léo een bestaan van eenvoudige arbeider heeft geleid en van een bescheiden pensioen moet leven.

Ze bespreken hun respectieve levens en dienen elkaar van advies bij de problemen die zich voordoen. De kunstschilder is al vijfentwintig jaar getrouwd, maar vanwege zijn avontuurtjes met de veelal naaktmodellen die voor hem poseren wil zijn vrouw Hélène (Fanny Cottençon) van hem scheiden. Ze probeert dat al vijf jaar, maar hij blijft de boel traineren. Nog altijd verliefd op Hélène onderhoudt hij toch ook nog een liefdesrelatie met zijn voormalige, veel jongere model Magda (Alexia Barlier). Léo daarentegen is keurig getrouwd zonder vreemd te gaan en gaat elk jaar met zijn vrouw (Hiam Abbass) op vakantie naar dezelfde bestemming. Het is een rustig en eenvoudig leven, maar ook hij kent familie-perikelen, zij het van een andere orde. Hun vriendschap kabbelt zo gemoedelijk voort, totdat Léo’s lichaam steeds vaker en heviger geplaagd wordt door vreselijke pijnen.

Deze lieve, charmante film bevat weinig spektakel. Het ritme wordt gevormd door Léo die steeds weer op zijn brommertje komt aanrijden bij het plattelandshuis van de kunstschilder en net zolang aan de woestenij werkt waarin de tuin was veranderd dat er iets fraais ontstaat. Hij is verbaasd over de existentiële crises van de kunstschilder over zijn huwelijk, zijn dochter die met een veel oudere man wil trouwen en de zin van zijn schilderkunst. Léo is veel aardser en is vooral geïnteresseerd in tuinieren en vissen en vindt het leven niet zo ingewikkeld. Deze tegenstelling tussen stadse beschaving en idyllisch plattelandsleven is niet plat, maar erg liefdevol uitgewerkt. De mannen spelen zo natuurlijk en sympathiek dat je geboeid toekijkt naar hoe ze elkaar alle goeds toewensen en de ander volledig in zijn waarde laten, maar ook eerlijk hun mening geven als ze dat nodig vinden.

Het is aangenaam toeven in de warmte van de vriendschap van deze twee mannen. De een helpt de ander bij het opknappen van een verwaarloosde tuin en tegelijkertijd met het op orde krijgen van zijn leven en de ander helpt om zijn vriend zijn meest geliefde bezigheid uit te oefenen en vervolgens op een zo waardig mogelijke manier afscheid te nemen van het leven. En dat alles zonder vals sentiment. Een fijne en warme film.

Diana Tjin-A Cheong