Everyone Says I Love You (1996)

Regie: Woody Allen | 97 minuten | komedie, romantiek, musical | Acteurs:  Edward Norton, Drew Barrymore, Diva Gray, Ami Almendral, Madeline Balmaceda, Vivian Cherry, Tommie Baxter, Jeff DeRocker, Cherylyn Jones, Tina Paul, Vikki Schnurr, Natasha Lyonne, Kevin Hagan, Alan Alda, Gaby Hoffmann, Natalie Portman, Lukas Haas, Trude Klein, Goldie Hawn, Itzhak Perlman, Pamela Everett, Navah Perlman, Barbara Hollander, Julia Roberts, Waltrudis Buck, Patrick Cranshaw, Isiah Whitlock Jr., Woody Allen, Tim Roth, Billy Crudup, David Ogden Stiers

Je hoeft geen filmanalist te zijn om het nostalgisch sentiment in het werk van Woody Allen te herkennen. De verhalen worden vaak aan elkaar gepraat door een voice over, altijd in de verleden tijd en vaak in de vorm van legenden. Bij films als ‘Radio Days’, ‘Broadway Danny Rose’ en ‘Sweet and Lowdown’ druipt de weemoed en het verlangen naar vroegere tijden eraf. Mocht iemand halverwege de jaren 90 nog twijfelen aan de nostalgische inborst van Allen, dan maakt zijn meest verrassende productie van dat decennium er meteen een einde aan. Met ‘Everyone Says I Love You’ keert Allen terug naar de musicals uit het gouden tijdperk van Hollywood. En komt er nog mee weg ook.

‘Everyone Says I Love You’ vertelt een tijdloos verhaal, over liefdes die naar elkaar toe en van elkaar af bewegen, waarbij de personages te pas en te onpas in gezang uitbarsten. De liedjes stammen uit lang vervlogen tijden (met het zwaartepunt rond 1930), maar passen goed bij de gebeurtenissen op het scherm en de gevoelens van de personages. Vaak gebruikt Allen een klassieke opbouw: een arts in een ziekenhuis begint een lied, verplegers vallen in, tijdens de instrumentale break dansen artsen, verplegers en patiënten een vrolijk dansje en we eindigen met een collectieve samenzang.

Hoewel ‘Everyone Says I Love You’ zijn typische Allen trekjes heeft – humor, hilarische dialogen, namedropping, het chaotische gezin als hoeksteen van de samenleving – zorgt het bijzondere genre voor bijzondere elementen. Omdat romantiek de boventoon voert, speelt het verhaal zich niet alleen af in New York maar ook in Parijs en Venetië. Dat Allen kiest voor echte Hollywoodsterren (Julia Roberts, Natalie Portman, Goldie Hawn) is niet zijn gewoonte, maar ook hierin volgt hij de musicalmakers van weleer.

Alle acteurs zingen hun eigen liedjes. Dat is niet altijd een lust voor het oor, maar het geeft de film een ontspannen en opgewekte toon. Dat de film niet helemaal vrij is van ironie – een creepy misdadiger barst in een mierzoet liefdeslied uit, de beeldschone Julia Robers bezingt de iets minder beeldschone Woody Allen – doet niets af aan het respect voor de musicals van vroeger. Dat we Woody Allen zelf zien joggen en horen zingen, kan misschien wat te veel gevraagd zijn voor de onvoorbereide kijker.

Toch is ‘Everyone Says I Love You’ een gok die boven verwachting uitpakt. De film is vrijblijvend en oppervlakkig en het verhaal gaat nooit ergens naar toe, maar bij deze musical stoort dat niet. De film pretendeert nooit meer te zijn dan een lofzang op de romantiek en een ode aan het voorbije Hollywood. En slaagt daarin met vlag en wimpel.

Henny Wouters