The Lord of the Rings: The Two Towers (2002)

Regie: Peter Jackson | 179 minuten | actie, drama, horror, oorlog, avontuur, romantiek, fantasie | Acteurs: Elijah Wood, Ian Mckellen, Viggo Mortensen, Sean Astin, Liv Tyler, Billy Boyd, Orlando Bloom, Christopher Lee, Cate Blanchett, John Rhys-Davies, Sean Bean, Hugo Weaving, Andy Serkis, Dominic Monaghan, Miranda Otto, Bernard Hill, Brad Dourif, David Wenham, Karl Urban

Filmmaker Peter Jackson verbaasde vriend en vijand door, aan het eind van de jaren negentig, aan een gigantisch project te beginnen – een filmbewerking van ‘The Lord of the Rings’ – en in 2001 een overdonderend succes boekte met het eerste deel (van drie) hiervan, genaamd ‘The Fellowship of the Ring’. Hij  was erin geslaagd om het tot dan toe onverfilmbaar geachte boek van professor Tolkien op meeslepende wijze in filmtaal om te zetten. De hele wereld keek zijn ogen uit naar de prachtige, gedetailleerde fantasiewereld de boeiende personages, en angstwekkende monsters, die Jackson écht tot leven wist te wekken. De wereld had nu definitief kennis gemaakt met de hobbits Frodo (Elijah Wood), Sam (Sean Astin), Merry (Dominic Monaghan) en Pippin (Billy Boyd), de tovenaar Gandalf (Ian McKellen), de mensen Aragorn (Viggo Mortensen) en Boromir (Sean Bean), elf Legolas (Orlando Bloom), en dwerg Gimli (John Rhys-Davies). Nadat dit bonte gezelschap in deel 1 van ‘The Lord of the Rings’ na veel moeite gevormd is, vallen ze in deel 2 uit elkaar en volgt de kijker drie totaal verschillende verhaallijnen. Een knappe jongen die hierbij het overzicht bewaard en het publiek net zo weet te betoveren als met ‘The Fellowship of the Ring’. En het lijkt onwaarschijnlijk, maar ‘The Two Towers’ kan met opgeheven hoofd naast zijn voorganger staan.

Het was lastig bij ‘The Fellowship’ om zoveel personages en geschiedenis op een snelle en elegante manier bij de kijker te introduceren, maar ‘The Two Towers’ heeft zo zijn eigen obstakels. Als middelste film moet de film – vanwege het ontbreken van een kop en staart – misschien wel het hardst werken om zijn eigen identiteit te vinden. Aan deze film is heel wat voorafgegaan, dus hoe het beste te beginnen? Jackson kiest voor een vliegende start. Hij gaat er duidelijk vanuit dat mensen die ‘The Two Towers’ gaan kijken ook ‘The Fellowship’ hebben gezien en begint dus niet met een terugblik naar of een samenvatting van eerdere gebeurtenissen. In plaats daarvan kiest hij voor een lichte overlap door de meest opwindende scène – Gandalfs gevecht met de Balrog – opnieuw te tonen, maar nu vanuit andere gezichtspunten. Het is een briljante oplossing. De film begint heel rustig, zwevend langs besneeuwde bergtoppen, wanneer ineens zachtjes de stem van Gandalf hoorbaar is, die in het hart van één van de bergen met zijn grote confrontatie bezig is. “Ga terug naar de schaduwen!” De rillingen lopen bij de kijker al over de rug, en dan word je plotseling de berg ingezogen en bevind je je weer midden in het gevecht. Niet lang daarna, ziet de kijker wat er gebeurt wanneer Gandalf in de afgrond valt – waar film 1 ophield – en wordt de opwinding alleen maar groter. Het is een prachtige binnenkomer van Jackson, die hiermee de kijker meteen bij zijn lurven heeft.

Jackson heeft een moeilijke taak voor zich, verhaaltechnisch gezien. Het reisgenootschap is namelijk uiteengevallen, en daarom moet hij nu drie aparte verhaallijnen met elkaar balanceren, die met elkaar in verband moeten staan, maar ook zelf waarde moeten hebben, met personages die allemaal ontwikkelingen moeten doormaken. Over het algemeen gebeurt dit erg bewonderenswaardig. Sam en Frodo hebben hun handen vol aan het schizofrene schepsel Gollum, dat eigenlijk de ster van de film is; Aragorn, Legolas, en Gimli raken door hun zoektocht naar Merry en Pippin betrokken bij een oorlog tussen Saruman en het paardenvolk van Rohan, en Merry en Pippin eindigen bij een stel lopende, pratende bomen, die misschien ook nog in actie gaan komen. Deze laatste verhaallijn is het minst geslaagd van de film. Regelmatig worden scènes te snel afgekapt, waardoor de kijker nooit echt de kans krijgt om de boomherder Treebeard te leren kennen en te ervaren wat Merry en Pippin allemaal meemaken en voelen (buiten de camera) in zijn bos. Wellicht was Jackson bang dat een lopende boom, die er eeuwen over doet om iets zinnigs uit zijn mond te krijgen, de toeschouwer in slaap zou sussen, maar dit is het andere uiterste. Ook heeft Jackson gemeend af te moeten wijken van het boek door de bomen passief en tamelijk ongeïnteresseerd te laten zijn in de oorlog die om hen heen gaande is, om zodoende Merry en Pippin meer te doen te geven (als hoofdpersonages). Merry en Pippin proberen zelf duidelijk de enten te overtuigen en verzinnen listen om hun medewerking te krijgen. Ze doen nu inderdaad meer, maar de (boek)liefhebbers van de enten zullen waarschijnlijk weinig gecharmeerd zijn van deze aanpassing.

‘The Two Towers’ heeft een hele andere toon dan ‘The Fellowship of the Ring’. Letterlijk en figuurlijk is de film duisterder. ‘The Fellowship’ had een sprookjesachtige uitstraling en locaties terwijl ‘The Two Towers’ vrij donker en grauw van toon is, en zich richt op de mensenwereld. Oorlogen, manipulaties, politiek, koningen en schildmaagden: ja, we zijn echt in de riddertijd beland. Hoewel het het briljant vervaardigde en geacteerde personage Gollum is dat het meest bijblijft in ‘The Two Towers’, is het de verhaallijn van Aragorn, Legolas en Gimli, en hun steun aan het volk van Rohan, dat domineert. Ergens is dit wat jammer, omdat het uiteindelijk toch om Frodo en de Ring zou moeten draaien (de langere dvd-versie lost dit enigszins op) en nu het gevecht om Helmsdiepte centraal staat in de film (dat in het boek slechts enkele pagina’s in beslag neemt), maar het moet gezegd dat Peter Jackson zich bedient van een voortreffelijke opbouw naar dit moment. Lange tijd wordt er alleen over het gevecht gesproken of er naartoe geleefd, maar dit komt de spanning alleen maar ten goede. Het is prachtig om te zien hoe de helden zich opmaken voor deze gewelddadige confrontatie. Hoe Theoden (een briljant gecaste Bernard Hill) zich in zijn gevechtstenue laat hijsen door zijn mannen, hoe zelfs jonge jongens en oude mannen moeten meevechten, en onzeker zijn, hoe Aragorn zich langzaam maar zeker van zijn koninklijke kant laat zien door koning Theoden advies te geven (en hierbij soms voor zijn beurt te spreken), en hoe alle mannen uiteindelijk klaar staan op de wal, en stilte, en het zachtjes begint te regenen, en de druppels hoorbaar op de harnassen vallen. Het zijn dit soort subtiele, elegante “touches” die ‘The Two Towers’ zo interessant houden.

Het menselijke aspect komt in deze film (weer) erg goed naar voren. Te midden van alle chaos en wapengekletter blijft er altijd oog voor de emoties van de betrokkenen. Theoden die hoort van de dood van zijn zoon en in een hartverscheurende scène bij zijn graf treurt; twee kinderen – Freda en Éothain – die kort in beeld komen wanneer hun moeder ze – huilend – op een paard zet en wegstuurt, omdat het dorp door orcs wordt aangevallen; de kinderen en vrouwen die in de grotten van Helmsdiepte angstig om zich heenkijken en luisteren naar wat er zich buiten afspeelt… het zijn net die scènes en shots die al het oorlogsgeweld in het juiste perspectief en de juiste balans houden.

De casting is wederom uitstekend in deze film. Bernard Hill speelt de rol van zijn leven als koning Theoden – met de juiste balans van trots, onzekerheid, melancholie, en strijdvaardigheid. Miranda Otto is onuitwisbaar zijn nichtje Eowyn, een pittige zwaardvechtster die ook vecht tegen de eenzaamheid en graag liefde in haar leven zou willen (van Aragorn). Brad Dourif is gepast glad, achterbaks, en intelligent, als de Raspoetinachtige Wormtongue, die Theoden namens Saruman in zijn macht houdt.

Dan rest nog een personage dat één van de grootste prestaties van de hele productie is: Gollum. Dit zielige schepsel, dat altijd op zoek is naar de Ring en zich dienstbaar – jegens Frodo – op zal moeten stellen om hierbij in de buurt te kunnen blijven, is een wonder van computeranimatie. Inmiddels wordt de motion capture-techniek veelvuldig toegepast (zoals in ‘Avatar’), maar Gollum was één van de eerste personages die op deze manier op het scherm is getoverd. Kortom, een echte acteur – in dit geval Andy Serkis – speelt de scènes met de acteurs, en later worden zijn bewegingen en mimiek, met behulp van speciale sensoren op zijn lichaam, vertaald naar computerbeelden en het uiterlijk van Gollum is geboren.

Maar niet alleen technisch gezien is Gollum een prestatie: zijn personage is ook buitengewoon interessant. Vooral de twee kanten in zijn persoonlijkheid – in één scène, waarin hij een gesprek heeft met zichzelf, letterlijk verbeeld – zijn boeiend. Aan de hand van acties van Frodo en de band die Gollum toch lijkt te krijgen met zijn gijzelnemers, zie je hoe zijn goede kant (voor zover deze bestaat) de overhand begint te krijgen. Er zijn zelfs momenten dat hij werkelijk pathos oproept  en er een band gecreëerd wordt met de kijker. Wanneer Sam, aan het einde van de film, een monoloog houdt over het goede in de wereld, dat het waard is om voor te kijken, spreekt de droeve uitdrukking op het gezicht van Gollum boekdelen. Hij kan zich het goede in zijn leven waarschijnlijk niet meer herinneren  en ziet de toekomst voor hemzelf ook duidelijk somber in. De tweeslachtigheid in zijn personage – want eigenlijk wil hij nog steeds de Ring en heeft hij ook kwaad in de zin – is erg interessant. Uiteindelijk komt zijn kwade kant weer volledig terug (wat in de lange versie van de dvd iets aannemelijker wordt gemaakt), en deze zal ook compleet de overhand hebben in het derde deel, ‘The Return of the King’, maar gelukkig blijft hij in ‘The Two Towers’ een personage met vele dimensies.

Technisch gezien is de film wederom een pronkstukje, al is het landschap van Rohan wat desolaat en niet zo majestueus als de muziek de kijker wil doen geloven. Er is weer volop aandacht besteed aan details in wapenuitrusting en gebouwen en de composities van shots en scènes zijn soms weer adembenemend. Het is prachtig om te zien hoe de orcs met hun ladders de muur van Helmsdiepte belegeren, of om het overzicht te krijgen wanneer de orcs de muren overspoelen, en onze helden zich moeten terugtrekken (terwijl Legolas als een dolle orcs met pijlen blijft doorzeven). En de actie is soms weer om je vingers bij af te likken, met de laatste mars van de Enten, wanneer ze Sarumans toren in Isengard gaan bestormen, als één van de hoogtepunten.

‘The Two Towers’ heeft iets schier onmogelijks gedaan door kwalitatief (nagenoeg) hetzelfde niveau van ‘The Fellowship’ te bereiken. De toon is anders, meer aardser, menselijker, maar ook duisterder, want er staat steeds meer op het spel. Het gevecht om Helmsdiepte is spektakel van de bovenste plank en de intrigerende Gollum is de grote verrassing van de film. Maar de trukendoos van Peter Jackson is nog niet leeg. Er is natuurlijk nog het grootse slot van ‘The Lord of the Rings’: ‘The Return of the King’. Heerlijk.

Bart Rietvink

Waardering: 4.5

Bioscooprelease: 18 december 2002