The Secret Garden (2020)

Recensie The Secret Garden CinemagazineRegie: Marc Munden | 99 minuten | drama, familie, fantasie | Acteurs: Dixie Egerickx, Richard Hansell, David Verrey, Tommy Gene Surridge, Julie Walters, Maeve Dermody, Colin Firth, Isis Davis, Amir Wilson, Fozzie, Anne Lacey, Edan Hayhurst, Rupert Young, Jemma Powell, Sonia Goswami

‘The Secret Garden’, een van de bekendste werken van de Brits-Amerikaanse schrijfster Frances Hodgson Burnett (1849-1924), mag dan al in 1911 uitgebracht zijn, het kinderboek is tijdloos en universeel gebleken. Filmmakers zijn dol op het verhaal van het jonge meisje Mary Lennox dat een geheimzinnige magische tuin ontdekt. Al in 1919 verscheen de eerste ‘stille’ filmversie, die in vergetelheid is geraakt. Bekender is de MGM-verfilming uit 1949, met in de hoofdrollen Margaret O’Brien en Dean Stockwell, een zwart-witfilm die op handige wijze de mogelijkheden van Technicolor verkende om de magie van de geheime tuin zo effectief mogelijk in beeld te brengen. Ruim veertig jaar later was er de versie van Agnieszka Holland (1993), waarin John Lynch in de huid kroop van de verbitterde Mr. Craven en niemand minder dan Dame Maggie Smith opdraafde als de stugge huishoudster Mrs. Medlock. Tussendoor werden maar liefst drie verschillende Britse miniseries gemaakt van ‘The Secret Garden’ (in respectievelijk 1952, 1960 en 1975), verscheen er in 1987 een Hallmark-tv-film van met onder anderen Derek Jacobi en een bescheiden bijdrage van Colin Firth (over wie zo meteen meer) en werd er zowel een animatie- als een animevariant gemaakt in de jaren negentig. En hadden we al gemeld dat er meerdere toneelbewerkingen bestaan, inclusief een opera en een musical?

De charme van ‘The Secret Garden’ is kennelijk nog niet uitgewerkt, want 110 jaar (!) na het verschijnen van het boek komt producent David Heyman (bekend van de Harry Potter-, Fantastic Beasts- en Paddington-franchises) met een 21e-eeuwse versie. Het verhaal zal menigeen bekend in de oren klinken: Als haar beide ouders overlijden aan cholera, wordt de eigenwijze tienjarige Mary (Dixie Egerickx) vanuit Brits-Indië naar Engeland gestuurd, om bij haar oom Lord Archibald Craven (Colin Firth) op zijn immense landgoed te komen wonen. De dood van zijn vrouw, de zus van Mary’s moeder, heeft hij nooit kunnen verwerken, dus de immense villa voelt kil, koud en grimmig. Mary mag haar neus niet steken in zaken waar ze niets mee te maken heeft, benadrukt de strenge huishoudster Mrs. Medlock (Julie Walters), want anders wordt ze naar een kostschool gestuurd – en dat is het laatste wat de verwende Mary wil. Erg op haar gemak voelt ze zich niet, zeker niet ‘s nachts als ze wakker gehouden wordt door allerlei vreemde geluiden uit de kamer naast de hare. Gelukkig kan ze het goed vinden met de keukenmeid Martha (Isis Davis) en ontmoet ze bij het buitenspelen op het enorme landgoed ook Martha’s jongere broer Dickon (Amir Wilson). Als ze op ontdekking gaat ontmoet ze een vrolijke hond en een roodborstje die haar naar een mysterieuze tuin leiden die compleet tegenovergesteld is aan de treurnis in Lord Cravens Misselthwaithe Manor. De hernieuwde energie die ze in de tuin opdoet, geven haar de moed om door het huis rond te neuzen. Ze ontdekt dat het gehuil in de nacht afkomstig is van haar neef Colin (Edan Hayhurst), een ziekelijke jongen die aan bed gekluisterd is omdat hij meent niet te kunnen lopen. Hoewel hij net zo’n verwend en eigenwijs nest is als Mary, ontluikt zich langzaam maar zeker toch een vriendschap, die alleen maar groeit als ze Colin weet over te halen met haar en Dickon mee de tuin in te gaan.

Hoewel scenarioschrijver Jack Thorne (‘The Aeronauts’, 2019) het bronmateriaal van Frances Hodgson Burnett ongetwijfeld met respect heeft bejegend, heeft hij stevig zijn eigen stempel op het script gedrukt. Zo verplaatst Thorne het verhaal bijna veertig jaar verder in de tijd, naar 1947 (een roerige tijd in Brits-Indië omdat het land toen verdeeld werd in wat we nu kennen als India, Pakistan en Bangladesh) en krijgen we veel meer achtergrondinformatie over Mary, haar tragische moeder en de al even droevige familiehistorie van de Cravens. Sterker nog; deze speelt een cruciale rol. Voor puristen en liefhebbers van de roman is dat misschien ‘not done’, maar het verhaal krijgt wel meer body door het uitbreiden van de backstory. Ook heeft Thorne het slotakkoord flink gedramatiseerd. De magie van de geheime tuin, die in eerdere filmversie nog relatief bescheiden werd vormgegeven, is door het veelvuldige gebruik van CGI verre van subtiel te noemen. Daardoor is de tuin nu veranderd in een propvol oerwoud waar inheems én uitheems groen dwars door elkaar heen groeien en waar de zon wel érg fel schijnt. De rijke maar machtige score van Dario Marianelli doet er nog een schepje bovenop. Hoe ironisch dat een film over de helende kracht der natuur zo bomvol kunstmatigheid zit…

Eigenlijk is dat het probleem van de hele film. De bedoelingen zijn ongetwijfeld goed en er is veel tijd, geld en energie in dit project gestoken, maar de subtiliteit van de roman is compleet ondergesneeuwd geraakt door de enorme overdaad aan visueel spektakel. Hodgson Burnett heeft indertijd veel liefde gestoken in het zorgvuldig beschrijven van haar boodschap; dat kinderen met hard werken, aandacht en zorg wonderen kunnen verrichten. Een stervende plant weer kunnen laten opleven en emotionele en fysieke wonden kunnen laten genezen. Ook voor volwassenen zit er een waardevolle boodschap in het verhaal, omdat Hodgson Burnett op subtiele wijze schetst hoe je als ouder een kind kunt laten groeien en bloeien. In deze door Marc Munden geregisseerde CGI-versie lijkt die kern opzij te zijn geschoven om die tuin maar zo spectaculair en kleurrijk mogelijk te maken. Maakt dat deze 21e-eeuwse ‘The Secret Garden’ dan een slechte film? Niet per se. Het acteerwerk is prima, zeker van klasbakken Walters en Firth, die een leuke knipoog maakt naar de Hallmark-verfilming uit 1987 waarin hij de oudere versie van Colin speelt. Ook de kindsterretjes doen het naar behoren, vooral Egerickx die een innemende jonge meid speelt die zich redelijk overtuigend ontwikkelt van onuitstaanbaar verwend nest tot een sociaal betrokken tiener die heldendaden verricht. En het verhaal van Frances Hodgson Burnett staat zelfs in uitgeklede c.q. gemoderniseerde versie nog altijd als een huis. Maar die magie en dat warme hart uit het boek zul je hier niet vinden helaas. Tip voor David Heyman, Jack Thorne en consorten voor hun volgende film: less is more!

Patricia Smagge

Waardering: 2.5

Bioscooprelease: 12 augustus 2020
DVD- en blu-ray-release: 16 december 2020