Wolfwalkers (2020)

Recensie WolfWalkers CinemagazineRegie: Tomm Moore, Ross Stewart | 100 minuten | animatie, familie | Originele stemmencast: Honor Kneafsey, Eva Whittaker, Sean Bean, Simon McBurney, Tommy Tiernan, Maria Doyle Kennedy, Jon Kenny, John Morton, Nora Twomey, Oliver McGrath, Paul Young, Niamh Moyles

‘De beste animatiefilm die er nooit van kwam’. Zo wordt weleens gerefereerd aan ‘The Thief and the Cobbler’. Het had het magnum opus van de Brits-Amerikaanse animatiefilmer Richard Williams moeten worden, maar bleef bijna dertig jaar steken in ‘production hell’. Nog voor Williams goed en wel de kans kreeg om zijn film af te ronden, nam de producent waarmee hij in zee was gegaan na de zoveelste deadline- en budgetoverschrijding het drastische besluit de stekker uit ‘The Thief and the Cobbler’ te trekken. Of nou ja, Williams werd gedwongen zijn ‘pet project’ af te staan aan Fred Calvert, die de film sneller en voor veel minder geld – maar beduidend minder authentiek en artistiek – in 1993 afrondde. De film werd, niet heel verrassend, een grote flop maar Williams’ ruwe, onvoltooide versie bleek uiteindelijk een grote bron van inspiratie voor jonge filmmakers en een triomf voor de traditionele animatie. Handgetekend en geënt op inheemse kunst en cultuur; dat was ook wat de Ierse filmmakers Tomm Moore en Ross Stewart voor ogen hadden toen ze eind jaren negentig hun animatiestudio Cartoon Saloon oprichtten. Ze studeerden af in de tijd waarin Pixar met ‘Toy Story’ (1995) het metier van animatiefilmer voorgoed veranderde, maar streefden desondanks hun droom na. En met succes: hun eerste drie films – ‘The Secret of Kells’ (2009), ‘Song of the Sea’ (2014) en ‘The Breadwinner’ (2017) – werden voor een Oscar genomineerd (en sleepten vele andere prijzen in de wacht) en het moet wel heel raar lopen als dat niet gebeurt met hun al even prachtige vierde film ‘Wolfwalkers’ (2020).

‘Wolfwalkers’ vormt met ‘The Secret of Kells’ en ‘Song the Sea’ een trilogie waarin Moore en Stewart de cultuur, historie, natuur en betoverende mythologie van hun vaderland eren en waarin magie en fabels een centrale rol spelen. Inspiratie werd gehaald uit een aloude legende die verhaalt over (katholieke) Ieren die weigerden zich tot het christendom te laten bekeren en als gevolg daarvan vervloekt werden. Terwijl hun lichaam slapend in bed achterblijft, verandert hun geest in een wolf die ’s nachts rondwaart. De legende keert terug in het verhaal van ‘Wolfwalkers’, dat zich afspeelt halverwege de zeventiende eeuw, waarin de protestantse Engelse Lord Protector de scepter zwaait over het Ierse stadje Kilkenny (de goede verstaander herkent hierin natuurlijk de meedogenloze Oliver Cromwell). Hij heeft niet alleen zijn zinnen gezet op het bekeren van de plaatselijke bevolking; ook de wolvenroedel die zich in de bossen nabij het stadje schuilhoudt zijn hem een doorn in het oog. Hij heeft de plichtsgetrouwe Bill Goodfellowe de opdracht gegeven de dieren uit te roeien. Zijn elfjarige dochter Robyn wil niets liever dan in zijn kielzog mee het bos in, maar haar vader vindt de jacht geen terrein voor een meisje. De eigenwijze Robyn laat zich echter niet zomaar afpoeieren en gaat stiekem achter hem aan. In het bos ontmoet ze het wilde, roodharige meisje Mebh MacTire, die met de wolven leeft en communiceert en zelfs in een wolf kan veranderen. Ze vertelt Robyn dat ze de laatste wolfwalker is en bezorgd is om haar moeder, wier wolvengeest verdwenen lijkt te zijn. Haar kersverse vriendschap met dit wolvenmeisje stelt Robyn voor een levensgroot dilemma…

Wat direct opvalt aan ‘Wolfwalkers’ is de prachtige, unieke animatiestijl die kenmerkend is voor alle producties van Cartoon Saloon. De tekenaars benadrukken op een handige, artistieke wijze het contrast tussen het bos en de stad. Waar Kilkenny hoekig oogt, met strakke en rechte lijnen in de bebouwing en hoekig gestileerde personages, zijn de Wolfwalkers en hun leefomgeving ronder, losser en vloeiender. De stad oogt door het gebruik van sobere grijs- en bruintinten kil en afstandelijk, zodat je je daadwerkelijk gevangen voelt onder het juk van Lord Protector. De tegenstelling met het kleurrijke, vrij aanvoelende bos waar je je door niets en niemand onderdrukt hoeft te voelen is groot. Zelfs het perspectief tussen de beide werelden verschilt; de stad is beduidend vlakker dan het rijke bos. Ook in de karaktereigenschappen van de personages is dat contrast terug te zien: waar Lord Protector in zijn hele doen en laten staat voor onderdrukking, personifieert Mebh het ongetemde en ongerepte Ierland. Cartoon Saloon verwerkt behalve een metaforisch gebruikte maar begeesterde geschiedenisles over de kolonialisatiedrift van de Engelsen ook een flinke dosis vrouwenemancipatie toe. Want waar veel (animatie)films er met moeite één interessant vrouwelijk personage uit weten te persen, heeft ‘Wolfwalkers’ er maar liefst twee. Die niet voor elkaar onder doen bovendien, want de dynamische en gepassioneerde Mebh krijgt meer dan uitstekend weerwoord van de doortastende en volhardende Robyn, wier nieuwsgierigheid het wint van haar angst voor de toornen van de gevreesde Lord Protector. Dat we ook nog te zien krijgen welke pracht en ongereptheid de natuur ons te bieden heeft – en dat je die niet klakkeloos zou mogen exploiteren en verwoesten voor eigen gewin – geeft deze fascinerende animatiefilm nog een derde verdiepende laag.

Pixar, Ghibli, Laika. In dat illustere rijtje past zeker ook Cartoon Saloon. Met ‘Wolfwalkers’ doen ze de animatieliefhebber opnieuw versteld staan met duizelingwekkende visuele pracht, rijke fantasieën en oprechte ontroering, in een film waar een aanstekelijk respect uit spreekt voor niet alleen de natuur met als zijn wonderen, maar ook voor jonge vrouwen met een sterke eigen wil én de veelzijdigheid van het Ierse culturele erfgoed.

Patricia Smagge

Waardering: 4.5

Bioscooprelease: 25 november 2020
VOD-release: 11 december 2020 (Apple TV+)