Schoonheid en rijkdom (1981)

Regie: Hans Hulscher | 55 minuten | documentaire |

Walter Spies wordt in Moskou geboren. Zijn ouders behoren tot de culturele elite. Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in 1914 worden de gezinsleden vanwege hun Duitse nationaliteit geïnterneerd op de Oeral. Walter moet daar voor zichzelf zorgen en geeft pianoles en tekent portretten. Na de oorlog keert de familie keert terug naar Duitsland, maar Walter kan niet aarden en vertrekt naar Nederlands-Indië.

Hij valt als een blok voor de Javaanse cultuur die hij van een hogere orde beschouwt dan de Europese. Terwijl de Sultan gewend is dat zijn hoge gasten zich al snel gaan vervelen bij de traditionele dansen, ziet hij dat Walter gebiologeerd blijft toekijken. De dag erna wordt Walter door een stoet van de Sultan opgehaald en wordt hij dirigent van zijn Europese orkest, maar verdiept zich steeds meer in gamelan muziek en ontwerpt zelfs een notenschrift om deze muziek te noteren.

Vervolgens reist hij door naar Bali en bouwt daar een huis in Balinese stijl. Het wordt een centrum van Balinese kunstenaars, maar ook een trekpleister voor westerse schrijvers, kunstenaars en filmmakers die hij onderdak biedt en een inzicht in de Balinese cultuur geeft. Hij zorgt er bijvoorbeeld voor dat de lokale bevolking meewerkt aan de film ‘Die Insel der Dämonen’ (1933) van Friedrich Dalsheim. Voor hem zelf is het een rijke, productieve periode wat betreft zijn muziek en zijn schilderkunst en hij voelt zich volledig op zijn plek in zijn zelfverkozen thuis.

Het onderwerp is intrigerend, maar door de zoete muziek en de gevoelige vertelstem wordt het kijkplezier goed bedorven. Fragmenten uit brieven aan zijn moeder worden zo zoetsappig voorgelezen dat het irriteert. Ook irritant is dat er vaak over ‘Balische’ dit of dat wordt gesproken in plaats van over ‘Balinese’, wat toch een behoorlijk slordige indruk maakt. Het historische beeldmateriaal is zonder meer de moeite waard, maar jammer genoeg leidt het tot weinig belangwekkends. De man heeft een bewogen leven geleid en zich als een bekeerling overgegeven aan een andere cultuur en was daar gelukkig mee. Fijn voor hem.

Diana Tjin-A Cheong