Welcome to the Rileys (2010)

Regie: Jake Scott | 110 minuten | drama | Acteurs: James Gandolfini, Kristen Stewart, Melissa Leo, Joe Chrest, Ally Sheedy, Tiffany Coty, Eisa Davis, Lance E. Nichols, Peggy Walton-Walker, Sharon Landry, Kathy Lamkin, Kerry Cahill, Ken Hixon, Elliott Grey, David Jensen

Jake Scott, regisseur van het verwerkingsdrama ‘Welcome to the Rileys’ is vooral bekend als regisseur van videoclips. Hij won onder andere meerdere MTV Awards met de clip voor R.E.M.’s ‘Everybody Hurts’. In 1999 regisseerde hij met ‘Plunkett & MacLeane’ zijn eerste speelfilm. Het zou twaalf jaar duren voor hij met ‘Welcome to the Rileys’ zijn tweede film draaide. En, oh ja, Jakes oom heet Tony, z’n pa Ridley.

‘Welcome to the Rileys’ zou een passende tekst zijn voor het welkomstbord van een zompig moeras. Het bord hangt echter in Indianapolis, naast de voordeur van Doug (James Gandolfini) en Lois Riley (Melissa Leo). En waar in moerassen Sirenen rondwaren, doolt in hun relatie de geest van hun dochter rond. Ze stierf bij een auto-ongeluk. Daar kun je met elkaar over praten, je kunt alles naar buiten gooien in de ijdele hoop dat je daarmee je leven en je huwelijk op de rails houdt. Doug en Lois hebben ervoor gekozen die ingrijpende gebeurtenis stilzwijgend mee te slepen in hun leven. Ieder voor zich. Lois heeft zich begraven in hun huis, durft letterlijk niet meer naar buiten, en Doug vindt wat lucht in zijn verhouding met Vivian, een levenslustige serveerster. Maar ook Vivian sterft. Zomaar, uit het niets.

Doug verwerkt het in stilte, een sigaret rokend in de garage. Na een bezoek aan het graf van zijn dochter, beseft Doug dat hij nog leeft en vooral nog wíl leven. Een conventie in New Orleans – de stad van Katrina en van de ‘po-boys’; de armeluisbroodjes – biedt Doug de kans alles achter zich te laten. In een vuige striptent ontmoet hij de minderjarige Mallory (Kristen Stewart) die eigenlijk Allison heet. Het graatmagere meisje had letterlijk zijn dochter kunnen zijn. Weinig verrassend dus dat Doug haar min of meer onder zijn hoede neemt en zijn vijfsterrenhotel verruilt voor haar gammele huurkot. “Dus je wordt mijn suikeroompje?”, vraagt ze hem tijdens een ontbijt.

De reis van haar man drijft Lois Riley op haar beurt het huis uit. Hortend en stotend butst ze de overgeautomatiseerde Cadillac van haar man de garage uit. Ze trekt de wijde wereld in. Op zoek naar Doug, maar toch ook een beetje om iemand te ontmoeten die haar vraagt of zij toevallig met Superman is getrouwd. De plot van ‘Welcome to the Rileys’ is simpel en schematisch: man ontfermt zich over tienerhoertje, vrouw herontdekt zichzelf en de wereld om haar heen, nadat beiden een tragisch verlies hebben geleden. Melodrama lag zo al bij voorbaat op de loer, en helaas slaat het naarmate het einde nadert vaker toe. Een eind dat wordt aangekondigd als Lois haar klunzige rentree in de buitenwereld maakt. De tweestrijd tussen Doug en Allison is in alle opzichten meer de moeite waard dan de geforceerde driehoeksverhouding die daarop volgt.

James Galdolfini geeft Doug de kalme vastberadenheid van een bruine beer mee, Kristen Stewart maakt van Allison een overtuigende overlever zonder dat ze haar kwetsbaarheid verliest. Hun tête-à-têtes sprankelen. En zolang Lois alleen is, kan Melissa Leo haar komische kanten tonen. Minder overweg kan ze met een zijige scène waarin Lois in wit slaaphemd een nachtelijk grasveld opwandelt om zich te laten omhelzen door de sterrenhemel. Ze stijgt nog net niet op. Domweg ongeloofwaardig is de de razendsnelle toenadering tussen haar en Allison, waarmee een surrogaatgezinnetje à la minute in de steigers wordt gezet. In een tot dat moment nog redelijk oprechte geschiedenis, vormt dat een al te bedachte noot.

‘Welcome to the Rileys’ leunt op psychologie van de koude grond. Het verhaal is in zekere zin een reeks bekende, kraakhelder gearticuleerde levenslessen. Ze ordenen keurig, stap voor stap, de ongrijpbare chaos in het leven van de Rileys. En dat gaat net iets te trapsgewijs, te gemakkelijk haast. Het maakt de film tot een degelijk uitgevoerd sprookje, tot een veilige, weinig verrassende verwerkingsfantasie.

Martijn Laman